Donderdag, 30 juni 2011

Portoscuso 2

Wij zijn nauwelijks “wakker en op” of een havenmeester, een nieuw gezicht voor ons, staat naast de boot te roepen. Ik klim naar buiten en moet een schaapachtige indruk gemaakt hebben. In steenkolen-engels vraagt hij ons of we zo vriendelijk willen zijn onze plek op te geven en op zijn aanwijzing een andere in te nemen. Hij put zich daarbij meteen uit in verontschuldigingen: “is very busy, capito? We no place, so you go ozzer place, si?, molto bigger sjiep must in ziez place, capito?”. Tuurlijk, jongen, no problemo. “Io sorry, capito”? Ja, ja, ik ook, grazie!. Binnen gooi ik er een paar gruwelijke vloeken uit. Hij helpt ons losgooien. Dat gaat goed, maar de kont draait bakboord uit en we liggen met de boeg in de verkeerde richting en de wind poeiert met 6 Beaufort over de haven. Inderhaast draait Ingeborg de kiel naar beneden om een draaipunt te hebben onder water. Na wat vage manoeuvres lukt het ons in het kleine haventje te keren en naar de aangewezen plek, nu weer aan de andere kant van het havenkantoor, te varen. We worden keurig opgevangen door de havenmeester en een assistent. Zij verontschuldigen zich wederom vele malen voor het veroorzaakte ongemak.

we liggen nu beter (voor zo lang als het duurt!)

Eigenlijk liggen we nu beter want de wind staat niet meer recht in de kuip. In de wind en de schaduw is het gewoon niet lekker meer, ook al schijnt de zon en is het binnen bijna 30 graden Celsius. Dit is natuurlijk wel een prima windje om wasgoed te drogen. Ingeborg gaat derhalve druk aan de slag met het afhalen van ons bed en het wassen van het beddengoed. In gedachten steun ik haar bij dat werk terwijl ik mij verdiep in de laatste spannende hoofdstukken van “This Body of Death”; één van de beste trillers die ik de afgelopen weken heb gelezen. Als Ingeborg klaar is met het in de was zetten van de spullen gaan we de kant op. Het haventje heeft een nette, fraaie boulevard rondom met hier en daar best wat kleur erin.

best wat kleur erin

De huizen zijn architectonisch niet bijzonder; we moeten de sfeer nog te pakken krijgen. Als we op zoek gaan naar internet-punten doorkruisen we een aantal niet zo interessante straten, maar belanden wel op een markt met de geijkte kramen.

markt

Op dat pleintje is echter een markthal  waar je groenten, vlees, vis en dergelijke kunt kopen. Ziet er goed uit. Op het pleintje is tevens een broodwinkel waar we een brood kopen (wat anders, hè?).

nette markthal

brood (lekker luchtig)

Ingeborg moet ondertussen weer een ongeluk voorkomen dus als een haas vluchten we naar een koffietent aan de haven, alwaar we een kopje Café Americano kopen. Dat blijkt in dit geval een slokje espresso te zijn waar wij in Nederland een halve liter water bij zouden gooien. Lekker hoor. Nu zijn we echt wakker. Alle plekken waar wifi zou zijn blijken een kapotte router te hebben of er is een andere reden waarom ie het niet doet. De laatste waar we het proberen is cafe-restaurant Nautilus, een eindje lopen langs de boulevard.

ook hier is de wifi kapot

Nadat we al een watertje en een biertje hebben besteld blijkt de wifi het hier ook al niet te doen. Armoe… Een Amerikaan komt binnen en wil internetten. Jammer dan. We praten even. Hij ligt met zijn boot, de “Sloop John B.”, eveneens hier in de jachthaven en is op weg naar het Noorden. Dat gaat nu niet met wind 6 tot 7 uit Noordwest.  Hij is al 5 jaar aan het reizen, de wereld rond geweest en vind het hier maar primitief en armoedig. Niemand weet iets, zegt ie, ook niet als je vraagt naar de busverbindingen, bij de Toeristeninfo weten ze ook niks en een auto huren voor een dag kost 300 euro, maar dat kan geeneens in Portoscuso. Hij blijft er bij lachen, moet ook wel anders hou je dit geen 5 jaar vol. Op weg naar de boot maak ik wat fotootjes van de haven en wat er in ligt. Het water in de baai is tamelijk woelig.

foto van wat in de haven ligt

Blij dat we niet voor anker liggen in dit soort omstandigheden. T.a.b. probeer ik de antenne van de wifi weer en verdomd, ik heb contact met Hotel Don Pedro, hier vlakbij op de kade. Oh nee, toch niet, hij valt weer uit. Goddammit. Ingeborg spoelt de was uit en hangt die op. Ik help mee door op de kajuitbank in slaap te vallen.

ik loop niet in de weg

In de namiddag gaan we nog even op zoek naar de supermarkt die hier ook moet zijn. Een local wijst ons de weg. We moeten bij de winkel nog even wachten want het is 16.15 uur en hij gaat pas om 16.45 open. Ondertussen genieten we op de stoep van het kerkje aan de overkant van een begrafenisdienst die binnen aan de gang is. De supermarkt heeft wel wat dingetjes die we morgen gaan halen. Voor de vorm nemen we nu eien, een pak koffie en twee blikkies bier mee. Opeens is het avond en eten we de in de markthal gekochte hamburgers op. Die waren overigens niet duur. Alles is trouwens vrij goedkoop hier. Ik probeer de wifi weer en nu heb ik langere tijd een goed contact. Ik kijk naar de e-mails maar ga eerst aan de gang met de berichten van 24 tot en met 29 juni op de weblog te zetten. Onder begeleiding van Jantje Smit, André Hazes, René Kikker en nog een paar van die Hollandse Azen lukt het wonderwel. Het wordt wel een beetje laat: te 01.00 uur ga ik te kooi, na veel gesoebat uit het vooronder van Ingeborg. Het waait nog steeds hard en op de kade lopen dronken Italianen onder begeleiding van een enkele elektrische gitaar onduidelijke liederen te schreeuwen. Als ze maar niet de steiger op komen.

Dit bericht werd geplaatst in Logboek. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s