Maandag, 10 oktober 2011

Manoel Island Yacht Yard 7

Als die d’r waren waaide hier de stront van de dijken! Er staat een dikke 8 of 9. Snags liggen we te schudden in ons bed. Als die luficerstokjes het maar houden! Te 02.30 uur pis ik in een leeg 2,5 liter blik Trilux, voor dat doel opgesteld in de kuip. Slim hè? Hoef ik geen 500 meter te lopen. Bijzonder multifunctioneel die blikken. Ik dek ‘m af met een koekepan die Ingeborg gisteren met pannekoeken bakken naar de ratsmodee heeft geholpen: de lappen anti-aanbak hangen erbij. Over een paar uur helemaal natuurlijk. In bed kan ik de slaap niet meer vatten: ik zweef tussen waken en dromen. Te 07.30 uur zwaai ik zonder Ingeborg over haar neus te rossen mijn benen buitenboord en kreunend en steunend van de rugpijn kleed ik me aan. Sinds ik echte lichamelijke arbeid verricht ga ik elke dag steeds meer achteruit: mijn rug lijkt me te vertellen dat de ruggegraat gebroken is, de lever en de nieren geheel plat liggen en dat ik maar het beste horizontaal kan gaan. Ik geef er niet aan toe en ga elke dag weer in de tredmolen. Ik moet Ingeborg het goede voorbeeld geven, nietwaar? Buiten waait het echt hard. Het schip staat te schudden. Te 08.00 uur tijgen Ing en ik naar het havenkantoor (marina-office). Ik vraag aan het meisje aan de balie of ik vandaag de luciferhoutjes verplaatst kan krijgen (want dat mag je niet zelf doen!). Zij belt een havenmedewerker (“Norman”) die dat vandaag zal doen. We willen a.s. donderdag te water. Met Andrew, de “Commercial Manager”, overleggen we of we van woensdag op donderdag in de “slings” van de bootlift kunnen blijven hangen. Dat kan niet, maar we kunnen a.s. donderdag wel om 10.00 uur opgehesen worden en om 13.00 uur te water gelaten (hunnie lunstijd!). We hebben dan 3 uur de tijd om het kielmidzwaard te schuren, te Primoconnen en 4 lagen Trilux aan te brengen. Lekker dan, dat wordt helemaal niks maar we moeten het er mee doen. T.a.b. drinken we koffie, hangen rond, ik ga boodschappen doen op nautisch gebied: een impeller voor de oliepomp die de olie van de ene tank in de andere pompt (werd tijd: 5 van de 6 flipflapflopjes waren, na 12 jaar, afgebroken), een liter thinner en 10 schuimrollertjes. Als ik terug ben duurt het nog een half uur voor Norman komt om de luciferhoutjes te verplaatsen, opdat ik die plekjes met Primocon en Trilux kan bijwerken. Hij begint aan de boot van de buren, tot ik naar beneden kom en hem er op wijs dat ie toch echt bij mij aan de gang moet. Ok. Hij kon de naam van de boot niet vinden (!). Hij doet zijn werk ogenschijnlijk vakkundig. Doet geribbeld karton tussen de romp en de keggen. Toppie, bedankt en tot ziens! Een kwartier later staan alle luciferhoutjes op omvallen. Ik schrik me werkelijk de pleuris en sommeer Ingeborg van de boot af te gaan. Ondertussen komt Peter Kok ook kijken en die neemt de hamer zelf ter hand, want hij kan hier wel een potje breken. Later blijken de stokjes weer los te staan, het gaat maar door. Ik charter een witte overall (dat is een figuren die hier rondloopt als opzichter) en wijs hem op de problemen. Hij belt Norman en die begint weer op de keggen te timmeren. Ik voel aan mijn water dat dit niet goed gaat. En jawel hoor, 20 minuten later staat de boel weer los. Ik kijk het nog even aan (want je word er een beetje moedeloos van) en loop dan naar het havenkantoor om mijn probleem te melden. Het meisje belt Norman (“daar gaan we weer”) en die komt trouw weer langs, nu op een heftruck want hij had geen zin om te lopen. Hij loopt de boel weer na, timmert weer op de keggen. Ik wijs hem op de schade die hij veroorzaakt met het geribbelde karton op de antifouling. Dan zegt hij dat ie “stools” gaat halen (stalen bokken die onderling verbonden worden). Het beste besluit dat ik de hele dag heb gehoord.

bokskes tussen de stokskes

de Middeleeuwen naast de eenentwintigste eeuw

Als die dingen staan en de pottekijkers weg zijn begin ik meteen met Ingeborg de luciferhoutjes te verwijderen (stuk voor stuk) en de in de verf gedreven kartonnen ribbels weg te schuren. Goddammit! Al dat werk voor niks geweest! Terwijl ik bezig ben komt er een andere witte overall mij op de vingers tikken dat ik het karton had moeten laten zitten en dat ik de paaltjes niet mocht weghalen enzovoorts, bla, bla. De security guard in het hok tegenover onze boot moet hem gebeld hebben! Ik wijs hem op de beschadigingen die onze vriend Norman heeft aangebracht met zijn kartonnen ribbels. O, Ok. We gaan als vrienden uit elkaar maar ik heb hem niet gezoend. De verf onder het karton blijkt nog te zacht te zijn want de schuurschijven lopen vol.  Ik laat de beschadigde plekken harden tot de avond en schuur ze dan op en geef er in het donker een lik antifouling overheen. Morgen doe ik het hele onderwaterschip nog 1 keer met zwarte antifouling en dan ben ik er wel klaar mee. Ondertussen heeft Ingeborg Kippepoten gebakken die zij serveert met een garnering van doperwten, gekookte worteltjes en aardappeltjes en koele witte wijn; heerlijk! Na het eten ga ik dit stukje op de weblog zetten terwijl ik luister naar heerlijke ouwe bluesmuziek van ene Bill Broonzy, Joe Williams en Big Maceo. Had ik nooit van gehoord, maar het staat wel allemaal op de computer. Heerlijk! Het was weer een fijne dag; de tijd vliegt! 

Dit bericht werd geplaatst in Logboek. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s