Donderdag, 17 april 2014

Finike – Üçağiz Limani

Dag Datum Wind Weer
Donderdag 17 april 2014 ZW 3 – 5 Bf Zon
Vertrek Aankomst Logstand Motoruren
10.15 uur 16.15 uur 8525,5 (tri 22,1/tra 26,5) 4287,92

Goedemorgen, het is buiten 17 april en bijzonder blak, geen zuchtje. De maan staat boven de bergen in het westen. De zon is nog niet eens te zien in het oosten. Het is kwart over zes en we zijn al op. Ik zit op de wc en ik denk: wat hoor ik? Hoor ik een “Vuvuzela”? Vertrekt er nu al iemand? Nee-ee, het is geen “Vuvuzela”, het is Ingeborg. O, ok. We gaan weg vandaag, o wat een gedenkwaardige dag, we moeten zelfs weg anders moeten we een boete betalen voor te lang liggen: ongeveer 35 euro per dag. Dat kunnen we niet hebben. Nou, we hebben alle tijd om ons rielekst voor te bereiden op het losgooien der trossen: te 10.00 uur of daaromtrent zullen we vertrekken, gelijk met de “Beau”. Voor die tijd moeten we Cees en Anneke nog even zoenen en dat is dan dat. Ingeborg gaat in ieder geval weer naar bed, ze vindt het té vroeg voor voorbereidingen. Ik niet, ik kan nou niet meer naar bed. Daarvoor ben ik te opgewonden, zo’n prettige spanning van de voorpret, net als vroeger met Sinterklaas, waarvan ik bijna in mijn broek moet piesen, ken je dat? Ik ben net een kind wat dat betreft. Ik zou de fietsjes alvast kunnen opklappen en in hun tas doen, maar dan kunnen we niet meer fietsen naar de “Beau” en naar het havenkantoortje. Ik moet er straks trouwens ook mee naar de w.c. op de kant. We kunnen ze als laatste straks ook gewoon aan dek hijsen en ze onderweg opbergen. Wat een vreselijk moeilijke beslissingen allemaal op de vroege oggend. Er zitten tot overmaat van ramp wolkjes in de lucht. Ik wou dat het een keer mooi weer werd hier. Ingeborg komt er toch maar uit en we gaan ontbijten, lekker vroeg deze keer. Na het ontbijt gaat Ingeborg elke fles die ze kan vinden vullen met water. Alles waar een holte in zit en een dop op kan wordt gevuld: we gaan voor drie maanden de Sahara weer in, zie je. We hebben nu meer water aan boord dan de “Beau” denk ik. Het leidt af van de nare dingen die komen gaan. Welke nare dingen, vraagt Ingeborg. Nou, afscheid nemen van Cees en Anneke, zeg ik. Ouwehoer, zegt Ingeborg. Ingeborg ruimt kleren op en sorteert de diverse soorten watercontainers. Op sommige doppen staat een K. Ingeborg weet wat dat betekent. Ze kijkt of ze nog meer lege dingen kan vinden. Ik vul de tanks van de “Wing IV” maar laat de slang nog even liggen. Je weet maar nooit, waar nog water in kan. Tijdens het tanken wil ik de “opstapschoen” van de boeg halen, maar ik kan van de kant af er niet bij. Als ik achter de meerlijn wil laten vieren zie ik dat de lijn waarmee ik het schip recht kon trekken vanaf de bakboordsbolder, maar die ik niet meer gebruikt heb, nog belegd zit op de meerlijn, diep onder water. Djiez, dat hadden we gister moeten doen! Nu moet ik het platform en het bootje weer laten zakken, de landvasten voor laten vieren, de meerlijn naar binnen lieren tot het belegde eind boven water komt, de boel losknopen en daarna alles vice versa. Dat alles alleen maar om een touwtje los te maken. Ach, het is nog vroeg en we zijn lekker bezig. Voor je er erg in hebt ben je zelfs hard aan het werk. Het is acht uur en we zijn er klaar voor. Alleen de fietsjes nog, de tuinslang en het elektries. We kunnen eerst nog wel een kopje koffie nemen met het elektries van de haven. Veel gas hebben we niet verbruikt in die zes maanden hier. De koffie is het laatste dat we maken met het havenelektries, lekker bakje hoor. De Duitse landvast berg ik daarna op en de tuinslang ook. Omdat ik tijd over heb snijd ik een stukje van de slang af, dat door de grote druk op de waterleiding bij het spuitstuk zwak was geworden en breng de appendages weer aan. Hij bolde telkens reeds vervaarlijk op en stond op knappen. Ik fiets voor het laatst naar de w.c. en terug en rond negenen fietsen we samen naar de “Beau”. Cees en Anneke zitten alleen nog maar te wachten op de politie die naar hun boot komen (ze hebben namelijk hier in Finike via een agent uitgeklaard) om hun gezichten te vergelijken met de paspoorten, die ze dan ook gelijk teruggeven. Anneke haalt ons over om dan maar een kopje koffie te drinken met een cakeje erbij. We proosten op een goede vaart en een behouden aankomst, waar dan ook (ik weet eigenlijk niet of dat kan met koffie, maar we doen het toch maar). Een laatste fotootje en dan is het zover. Dag Ann, dag Cees, het ga jullie goed. Ik hoef geeneens te huilen. We klimmen van de beaut en fietsen terug.

Een laatste kopje koffie op de "Beau"

Een laatste kopje koffie op de “Beau”

Idem

Idem

Dag jongens

Dag jongens

Even langs de “Strømhella”. Wendy is al naar Nederland en we treffen David op de steiger. Och, gaan jullie weg? Ik had dat wel willen omroepen op het net vanmorgen, want ik had de beurt, zegt hij. Nou, zeg ik, dat hoefde niet hoor, wij luisterden zelf niet zo erg naar het net (helemaal niet eigenlijk) en daar hebben wij niet aan gedacht om dat te melden dus. Hij had me nog willen vragen of ik al onder mijn boot gekeken had naar de elektrolyse. Ik zeg dat ik gekeken heb en niets bijzonders kon ontdekken. Dat zie je ook pas als je de hogedrukspuit erop zet, dan spuit je er dwars door heen, zegt ie. Nou, dat moeten we dan dus maar niet doen, hè? Ik zeg tegen hem wat Cees ook tegen mij heeft gezegd: je moet voortaan je stekker eruit trekken, tenzij je koffie gaat zetten en dergelijke. Dat vond ie een goed idee. Dag David! Hij wenst ons “fair winds” en “allways a hand breadth under your keel”, dat vind ik een goeie! T.o.d.s. (=terug op de steiger) ga ik de marifoon en de andere instrumenten aanzetten en de fietsjes inklappen en in de tassen doen, hop aan dek en in de verte zien we de “Beau” al achteruit schuifelen. Wij gooien ook los en zonder lijnen in de schroef komen we weg. Dag Setur Marina, dag Finike. Ingeborg neemt diverse foto’s van het wegvaren, de “Beau” achter ons aan, de haveningang, het verdwijnende Finike.

Dag Finike; daar gaat zij, zoveel schoonheid hebt gij nooit gezien

Dag Finike; daar gaat zij, zoveel schoonheid hebt gij nooit gezien

We gaan weg

We gaan weg

Idem

Idem

We zijn weg

We zijn weg

Idem

Idem

Idem

Idem

Idem

Idem

Dag Finike!

Dag Finike!

Nieuwe avonturen tegemoet. We motoren zeker een uur in weinig wind naar “de hoek” van de baai. De wind neemt langzaam toe, recht op kop uiteraard, jazeker, uit het zuidwesten. Ik zet onderweg de loggever in zijn koker onder de vloer, was ik vergeten. Hij weigert om de juiste snelheid aan te geven. Voor de rest doet alles het prima tot dusverre, dus als dat alles is heb ik er vrede mee. Ik ga goochelen met de calibratie en dan geeft ie wel wat meer aan, teveel eigenlijk uiteindelijk, maar ik begrijp verder niet wat deze kuren veroorzaakt, dus ik laat het erbij voorlopig. Cees vaart eerst naast ons en loopt langzaam uit.

We varen een stukje gelijk op

We varen een stukje gelijk op

Idem

Idem

Buiten de baai gaat Cees zeilen en ik even later ook. Het grootzeil staat er als een aardappelzak op. Ik ben vergeten de onderlijkstrekker aan te trekken. Niet vergeten dus vanmiddag, als we liggen. Het gaat niet hard, daar is de aangroei mede debet aan. We moeten echt ergens een dagje onder water doorbrengen. Een paar mijl uit de kust ga ik overstag en zeil hoog aan de wind naar de kust toe. De “Beau” verdwijnt langzaam maar zeker uit het zicht. Ik neem aan dat Cees een eind de zee op wil varen om dan in één koers naar het westen langs de Turkse kust te varen, erop hopend dat de wind in een gunstige richting gaat draaien. Dit wordt bevestigd door Anneke die ik nog een laatste keer spreek aan de marifoon. Tot ziens jongens, “where ever and whenever”! Precies te 13.15 uur zie ik de “Beau” niet meer….

Met de telelens

Met de telelens

Heel toepasselijk dat handje (foto van Ingeborg)

Heel toepasselijk dat handje (foto van Ingeborg)

Zonder telelens

Zonder telelens

Het gaat ondertussen harder waaien. De wind neemt toe van 8 à 9 knopen tot 18 knopen en we zeilen onder vol tuig. Het is echter niet ver voordat we in de lij komen van de kust dus ik laat het maar zo. Het gaat eigenlijk best lekker. Af en toe nemen we een zeetje over maar dit kennen we nog van vorig jaar en komt ons al gauw vertrouwd voor, maar lekker is het niet, die zoute zooi. Het is nou eenmaal zo: de “Wet van Willem Murphy”: waar onze neus heenwijst, daar komt de wind vandaan. Evengoed lopen we iets meer dan 5 knopen over de grond, dus ondanks de aangroei komen we vooruit.

De baai van Finike verdwijnt achter ons

De baai van Finike verdwijnt achter ons

Het knotst er lekker overheen

Het knotst er lekker overheen

Ingeborg stuurt

Ingeborg stuurt

Ik soms ook

Ik soms ook

Uno moment dado zit ik achter de buiskap naast Ingeborg want de boot stuurt zichzelf. Ter hoogte van een moskee op de kant gaan we overstag en zeilen een mijl of drie de zee op, dan weer overstag en hop achter het eilandje in de Gökkaya Limani nemen we de zeilen weg en is de rust weergekeerd.

Ah, eindelijk weer rust en stilte

Ah, eindelijk weer rust en stilte

Het is weer druk rond de mast

Het is weer druk rond de mast

De “Wing IV” is de enige boot daar en het is er wel mooi, maar erg eenzaam en daar hebben we (nog) geen zin in. Langzaam, foto’s makend, plokkeren we om het eilandje heen en de Kekova Roads op.(

Lieflijke rotjes

Lieflijke rotjes

Mooi eilandje

Mooi eilandje

Idem

Idem

Het is half vier. Wie zie ik daar in de verte aankomen, is dat niet…? Nee, dat kan niet. Een groot jacht komt van zee aan de oostkant van Kekova, lange witte mast en ik kijk door de verrekijker, die kajuitopbouw…, dat monsterlijk grote anker, dat is toch…? Maar…… Ja, het is hem hoor; de “Beau”! Krijg nou wat! Anneke belt ons: ze hadden op volle zee meer dan 22 knopen wind op kop en ze schoten niet op, bovendien hadden ze een massieve lekkage ergens met al dat water aan dek, dus besloten ze toch maar even de Kekova Roads in te duiken. Gelijk hebben ze, je bent voor je lol bezig, hoor! Dus, we liggen straks gezellig weer met mekaar bij Üğaçiz! Hoe onverwachts allemaal! Na een half uurtje motoren varen we de baai binnen. Aan onze rechterhand heeft de Turkse VVV de sarcofagen weer klaargezet voor het nieuwe toeristenseizoen.

Gülets op de rede van Üğaçiz

Gülets op de rede van Üğaçiz

Lief dorpje

Lief dorpje

De sarcofagen staan weer klaar voor het nieuwe seizoen

De sarcofagen staan weer klaar voor het nieuwe seizoen

Even later liggen we bij het dorpje voor anker. Dat ankeren ging niet zo soepel: de ketting is van voor tot achter zwaar verroest en dat loopt dan niet zo lekker over de kettingschijf. Toch maar laten behandelen dat ding of een nieuwe kopen? Wie weet wat duurder is? Onder aan dit stukje kunt u uw suggesties kwijt. De “Zephyr” en de “Esperanza” met Han en Carla liggen er ook. Plus nog een stuk of vier boten van andere nationaliteit. Het poeiert nog steeds van matig tot vrij krachtig uit het zuidwesten maar we liggen hier op drie meter water en 20 meter (roestige) ketting, dus ons kan niks gebeuren. Het is hier lieflijk en landelijk.

Als vanouds met elkaar voor anker

Als vanouds met elkaar voor anker

Ze hebben hier ook een moskee, maar de geluidsinstallatie is niet zo best want we hebben niks gehoord

Ze hebben hier ook een moskee, maar de geluidsinstallatie is niet zo best want we hebben niks gehoord

Nog een ankerfoto

Nog een ankerfoto

Even liggen en lezen

Even liggen en lezen

We gaan nootjes zitten eten, een stukje kaas, olijven, een plakje salami-worst en een glaasje rode wijn. Anneke hangt wat grote dingen buiten te drogen. Arme Ann. Tien over half acht. Hele middag niks gedaan, last van mijn keel, moet voortdurend hoesten en rochelen. We gaan koffie drinken met een grote chocolade koek. Het is nu windstil en de boot drijft boven op zijn ketting. Ik mag van Ingeborg geen nieuwe ketting kopen. Het is buiten doodstil. Ik hoor alleen het rode ankerlampje onder de bimini branden, zo stil is het, kejje nagaan. We gaan ervan fluisteren. Het is koud en we zitten te praten in de kuip. Ik heb het niet opgenomen dus ik weet niet meer waar dat over ging. We kijken naar de foto’s die we vandaag genomen hebben. Van de 81 blijven er 73 over. Er zitten best mooie bij. Het wordt nu wat luidruchtiger buiten, aan de kant en op een Turkse boot verderop. Ook horen we een uil, een Oehoe (want hij zegt: oehoe). Aan de heldere hemel staan verschrikkelijk veel sterren en toch is het hartstikke donker omdat de volle maan nog niet op is. Eén van de andere boten hier, een fransman uit Corsica, heeft drie stroboscoop lampjes hangen als ankerlichten, die irritant flitsen. Dat die mensen zelf niet na verloop van tijd overboord springen, begrijp ik niet. Even lezen op internet, hotmail, de reacties op het weblog en zo. Het is 21.00 uur. Hoog tijd om naar bed te gaan. We zijn doodmoe van de belevenissen van deze dag. Het was een fijne dag, onze eerste vaardag van het seizoen.

Daar liggen we

Daar liggen we

Jammer dat ik de tramlijn voortijdig heb gewist

Jammer dat ik de tracklijn voortijdig heb gewist

Dit bericht werd geplaatst in Logboek. Bookmark de permalink .

4 reacties op Donderdag, 17 april 2014

  1. Linda zegt:

    Ziet er koud uit, maar wel weer mooie landschappen en fijn weer op het water te zijn!

    Like

  2. Suggestie oor je ankerketting: wij hebben hem laten galvaniseren in Yacht Marine vorig jaar …….

    Like

    • wingiv zegt:

      Dat zou kunnen, maar ik vraag me nog steeds af of het niet makkelijker en misschien goedkoper is om een nieuwe te kopen: ouwe op de kade gooien in Marmaris en hop, nieuwe erop?

      Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s