Dinsdag, 19 augustus 2014

Ormos Kalami – Ormos Vourlias (bij Kassiopi)

Dag Datum Wind Weer
Dinsdag 19 augustus 2014 O 1- 2 Bf, later 4 Bf NW Zon
Vertrek Aankomst Logstand Motoruren
13.30 uur uur 15.00 uur 9251,7 (tri0/tra plm 5) 4438

Zeven uur. Ik ben er al uit, uit bed. Zo hé, echt wel! Het is frisjes. Het is hier binnen, even kijken, sjeeempie: 21 graden slechts. Ingeborg zegt: lekker! Buiten is het nog frisser, echt beneden de twintig! Maar, dat zal zo wel veranderen zodra de zon zich verheft boven de Albanese bergen. Er staat een lekker windje nu, uit de goeie richting, we zouden kunnen zeilen. Ik moet eigenlijk nog een verhaaltje erop zetten, het verhaaltje van gisteren moet ik nog schrijven. Eigenlijk zou ik dat nu moeten doen, maar ik heb daar geen zin in. Hihi, ik ga maar weer naar bed eigenlijk! Negen uur. Ik ben helemaal niet naar bed gegaan. Op weg naar mijn bed zag ik de Italiaanse pilot op de plank staan en dacht: weet je wat, ik ga eens kijken naar de route die Jan en José Groot twee jaar geleden hebben gevolgd langs de Italiaanse westkust, op hun weg naar huis. Hun verslag heb ik op mijn bureaublad en met de pilot kan ik de havens die zij hebben aangedaan onder de loep nemen. Binnen een maand zaten zij in Zuid Frankrijk en in die tijd hebben zij ook Rome nog bezocht. Ik haal veel tips uit hun verhaal, een mooie leidraad voor ons “straks”. Ik zit zo twee uur te lezen. Het begint drukker te worden buiten. We kijken af en toe naar de “Beau” of het beautje al hangt, dat is het sein om te vertrekken, zie je. Te half tien hebben we de vissen uitgebreid gevoerd door het vacuüm toilet langdurig door te pompen, dat is nodig om de doorsnee van de leidingen weer wat te vergroten. Daarna is de afvoerpijp van de gootsteen aan de beurt. Met de handpomp van de rubberboot blazen we hem door. Buiten is een “feeding frenzy” aan de gang: het lijken wel haaien! Letterlijk honderden zilverblauwe vissen met een zwarte stip vlak voor hun staart scheuren rond en pakken wat ze pakken kunnen! Een half uur later zie ik de bijboot van de “Beau” in de davits hangen. We gaan even naar de “Cooky” om afscheid te nemen van Henk en Christine. Goeie reis jongens en misschien tot ziens, zo niet hier dan in Nederland! T.o.d.b. hijsen we het bootje en de buitenboordmotor in de davits en aan het hek. Staat de ankerlier aan? Ja. Ok. Ik loop naar voren, schroef de dop van de “op”-knop af en druk hem in om de snubber van de ketting af te kunnen halen. Niets. Nog eens, nu harder trappen. Niets. Godver. Ik sta een minuutje op de knop te dansen. Niets. Godver. Ik had de laatste tijd al het idee dat ik de knop steeds harder moest indrukken om contact te maken. Nu heeft ie besloten de geest te geven. Emmodrevdog! Heb ik weer. In zoek gereedschap bij elkaar en Ingeborg gaat het kledingkastje voorin leeghalen. Met een stanleymes snij ik de kit rond de dekschakelaar weg. Ingeborg gaat aan dek de bouten losdraaien terwijl ik binnen in het kastje in een kronkel lig, zwetend als een otter want nu is het natuurlijk wel heet, en met een pijpsleuteltje de moeren tegenhou. Dat gaat tamelijk vlot allemaal. Buiten peuter ik de schakelaar uit het dek en haal hem in de kuip uit elkaar.

Gat in het dek

Gat in het dek

Zie hem prutsen

Zie hem prutsen

De contacten zijn zwaar verbrand en het nylon waar de veer mee vast zit is gedeeltelijk gesmolten en ook verbrand.Het koperen plaatje dat contact moet maken met de polen bleef daardoor waarschijnlijk aan één kant hangen. Ik begin al te schuren aan de verbrande deeltjes als ik me opeens herinner dat ik nog zo’n hele nieuwe schakelaar in de la heb liggen! Die haal ik tevoorschijn en monteer hem in het dek en sluit hem aan, waarna Ingeborg boven de knop indrukt: niets. Ik rommel nog wat met de kabels op de contacten, draai een moer verder aan, die zat los, dat was het natuurlijk en plotseling: een vonkje, het licht van de looplamp die ik op de omvormer had aangesloten gaat uit, de omvormer begint te piepen en de elektromotor van de lier begint te draaien. Shit. Dat is niet de bedoeling. Ik spring uit bed en race naar de hoofdschakelaar. Uit. Pffff. Ik zit nog een tijd te staren naar de geheimzinnige polen en kabelschoenen (nu zijn ze plotseling geheimzinnig geworden voor me!) en besluit dan Cees die inmiddels naast ons weer voor anker is gegaan en geduldig ligt te wachten, te vragen of hij er naar wil kijken, want hij heeft er verstand van én Cees is in bezit van zo’n meter, die al die geheimzinnigheden kan doormeten. Cees wil wel helpen. Hij meet de zooi door en hij komt uiteindelijk tot de onomstotelijke vaststelling dat de nieuwe schakelaar het niet doet. Dit geloof je toch niet?! Dat ding moet uit elkaar om te zien wat er aan de hand is maar dan moeten we uitboringen verrichten en dat doen we nu niet. Ik schuur de contacten van het oude ding schoon, snij stukjes verbrand nylon dat in de weg zit weg en we zetten hem weer in elkaar. Vervolgens in het dek monteren, Cees doet de aansluitingen met de kabels, want ik weet niet meer hoe ze erop moeten. Omdat de rubberkapjes voor een deel eraf zijn raakt het koper of de kabelschoenen van de kabels elkaar en laten de omvormer piepen en de elektromotor draaien. Dat was het! Cees doet een stukje isolatieband om de schuldige kabel en zet de boel vast op de polen. Ingeborg drukt boven op de knop en ja hoor, na diep indrukken gaat de motor lopen. Ik hou de moeren weer tegen terwijl Cees aan dek de bouten aandraait. Job done. Ik breng onder dankzegging Cees terug naar de “Beau”. Ondertussen is “Cooky” allang verdwenen, naar de Ormos Vourlias. Wij wilden naar Erikoussa, ankeren in de zuidbaai, maar omdat dat 22 mijl varen is, wordt dat niks want het is al 13.30 uur als we op weg gaan. We varen langs de welvarende kust van Korfoe. Mooie bootjes komen langs.

Dag, Taverna White House

Dag, Taverna White House

Welvarende kust

Welvarende kust

Mooie bootjes varen langs

Mooie bootjes varen langs

We hebben de stroom mee. Met 1200 toeren loopt de “Wing IV” 4 knopen over de grond! Stroom mee dus. Er is niet veel wind. Ik probeer het nog even, maar het is niks. De motor gaat weer aan en eenmaal door het gat tussen Korfoe en Albanië krijgen we de voorspelde noordwesten wind recht op de kop. Het monsterlijk grote zeiljacht dat ons eerder passeerde ligt onder de kust van Korfoe voor anker. Cees blijft doorzeilen richting Albanië.

Daar gaat de "Beau"

Daar gaat de “Beau”

Een stad in Albanie

Een stad in Albanie

Ik sla linksaf de Ormos Vourlias in. Ik zie de “Cooky” al liggen. We varen zo dicht mogelijk langs het stenige strand om te kijken hoever we kunnen komen met de kiel uit. Aan bakboord van de “Cooky” die bezoekers aan boord heeft, laat ik het anker vallen, lekker dicht bij de kant, bij het betonnen piertje waar we twee jaar geleden ook aan wal gingen. Het is hier ongeveer vier meter diep en ik gooi 25 meter ketting uit. Dat is genoeg. Het water is helder. We liggen wel aan lagerwal nu maar het waait niet hard en het zal nog wel minder worden. Hèhè, tijd voor een biertje! Even later komt ook de “Beau” de baai in en gaat aan stuurboord van de “Cooky” voor anker. Henk en Christine gaan met hun bezoekers, die hier in een villa verblijven, mee naar hun huis. Henk vraagt of ik een oogje in het zeil (van “Cooky”) wil houden. Tuurlijk! Ik ga lezen in “Het Satanskruid”. Kwart over vijf. We gaan zwemmen. Het water is hier voor mijn gevoel nog iets kouder dan in de Kalami Baai. Het anker zit er niet goed in. Ik duik er naartoe en probeer hem om te draaien en met zijn punt in de prut te drukken. Hij is te zwaar en het lukt me niet. Maakt ook niet uit; zodra het ernstig begint te waaien wordt ie zo de slappe bodem ingetrokken. We zwemmen heen weer naar het strand, een en al stenen, je kunt je flippers niet uittrekken maar op je flippers kun je niet lopen dus we zwemmen maar weer terug. Ik heb het koud en ga eruit. Half acht. We hebben lekker gegeten: een zelfgemaakte Griekse salade en een saganaki, jawel, gesauteerde aardappelen en een gekookt ei. Geen vlees en het was heerlijk! Ik wor ook vegetariër. Na den eten lees ik mijn verhaaltje uit, ik ga er snel doorheen want ik word er niet goed van, maar wil wel de afloop weten. Het loopt niet goed af (voor de boef). Kwart voor elf. Het is stikdonker buiten. Henk en Christine hoorden we terugkomen. De zee is helemaal plat. We liggen met de neus naar het zuiden, een volkomen vredige ankerplek. Heel ruim; tot aan Albanie kunnen hier 45.000 boten voor anker liggen. Ik heb het stukkie van 18 augustus geschreven en de fotootjes voor 19 augustus klaargezet. Morgenoggend doe ik de teks van19 augustus. Ik ben dan helemaal “bij”, jammer dat de lezertjes er niks van merken, dezer dagen! Kwart over elf. 19 augustus. We gaan naar bed. Morgen is het 20 augustus, zie je. Het was een fijne, technische dag.

Daar liggen we

Daar liggen we

Het was een heel eind: 5 mijl

Het was een heel eind: 5 mijl

Dit bericht werd geplaatst in Logboek. Bookmark de permalink .

4 reacties op Dinsdag, 19 augustus 2014

  1. Linda zegt:

    Leuk hoor, weer nieuwe verhalen en geinige foto’s erbij!
    Wij zijn alweer terug uit Nijkerk en ik ben alweer aan het werk. Rick is nog vrij tot en met volgende week.
    Nu aftellen tot ik naar Sicilië mag!! 😀

    Like

    • wingiv zegt:

      Goed zo, Lin! Sterkte met je werk! Tot ziens op Sicilie. Je ziet, ik ben weer even online, mocht Cees zijn dongel gebruiken. We liggen nu op Othonoi en steken morgen over naar italie (waarschijnlijk)Gr. paps en mams.

      Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s