Dinsdag 9 september 2014

Giardini Naxos – Catania (voor anker bij het strand)

Dag Datum Wind Weer
Dinsdag 9 september 2014 Z – ZO – O – NO 1 – 3 Bf Zonnig
Vertrek Aankomst Logstand Motoruren
08.00 uur 15.15 uur 9559,8 (tri 16 (klopt geen ruk van)/tra 23) 4472 u 20 min. (2 u en 30 min)

Kwart over zes. Ik heb de windslurf er al afgehaald, de muskietennetten over de luiken weggehaald en ik heb de olie nagekeken; was nog goed. We zijn er klaar voor. We kunnen vertrekken, het waait ook al een klein beetje, dat lijkt mij wel lekker, dat we een beetje kunnen zeilen en dat soort dingen, weet je wel. Op de Beau zie ik nog geen leven. Misschien moet ik er toch ook nog maar even in kruipen. Half zeven. We gaan er toch maar uit. Op ons gemak klaarmaken voor vertrek.

De zon komt op boven Naxos

De zon komt op boven Naxos

Het waait nu niet of nauwelijks; de wind weet niet wat ie wil. De Etna is goed zichtbaar in het prille morgenlicht. Even naar het weerbericht kijken, joggertje eten, theetje drinken. Nog niks op de “Beau”? Nee, niks. Half acht. Ik zit aan de computer, in plaats van dat we zijn weggegaan. Feesboeken, e-mailen, volgens windfinder komt er weinig tot geen wind gedurende de gehele dag. De lucht is blauw. Morgen is het helemaal zonnig, dus lekker weer. Hier gaat vermoedelijk niets van kloppen, maar we gaan het zien! Kwart voor acht. We gaan maar. Nog steeds geen leven op de “Beau”. Dat had Cees ook gezegd, maar ik heb toch nog even gewacht. Maar “nou gaan ik”. Er staat wat wind. Het is gewoon zonde om dat te laten liggen. Die wind, die moet je niet laten liggen, dat kan altijd nog. Ik haal het anker met veel lawaai op. Misschien worden ze wakker. Zoals verwacht hing de lange lijn met octopus-blikken aan het anker. Dat was nog niet eens zo makkelijk om het spul eraf te krijgen; de blikken onder water trokken er flink aan. Vijf voor acht. Ingeborg zag Cees in het doghouse even rondkijken. Mooi, die is wakker. Eenmaal buitengaats kwam een vissersbootje met twee vissers erin naar ons toe om te vragen of we een eindje verder zee op wilden gaan omdat overal netten en lijnen uitgelegd waren. Wij zijn de beroerdsten niet. Achter ons zien wij de “Beau” ook de baai uit komen. Negen uur. Uit met de pret. Wind weg. Motor aan. Voorzeil weg. Giek strak in de midden. Met 1300 toeren varen we nu en dan halen we 3,5 knoop. Ik zet hem even op 4 knopen want dit lijkt me niet efficiënt. Een motorjoekel passeert ons met grote snelheid.

Nog een vroege vogel

Nog een vroege vogel

Dag Naxos

Dag Naxos

Dag Taormina

Dag Taormina

De wind staat recht op kop, uit het zuiden en we varen naar het zuiden; nou dan begrijpt u het zeker wel, hè? Half tien. Motor uit. Wind komt met ruim 5 knopen uit het zuidoosten, niet harder. Hoog aan de wind varen we dus, richting kust. We zeilen in elk geval, onder de rook van de Etna, richting Riposto.

De Etna met zijn eeuwige wolk

De Etna met zijn eeuwige wolk

Vijf voor tien. We drinken wéér koffie, de tweede keer al, niet goed voor de bloeddruk maar wel lekker. Ik krijg er een sprits bij, zo lekker! Die hebben we in juli bij de Lidl in Preveza gekocht. Het pak is een paar weken geleden aangebroken en ze zijn nu rijp, precies goed. Zo slap als een vaatdoek, maar lekker! Zompig, zou ik het willen noemen. Ik krijg meteen “smaakherinneringen”: toen ik in 1961 in de eerste klas van de gristelijke HBS zat in Amsterdam Noord, in de noodgebouwen in het W.H. Vliegenbos, gingen we vaak tussen de middag bij de kruidenier (Stolp heette hij, geloof ik) op de Nieuwendammerdijk, naast Logman de fietsenboer, voor 25 cent een puntzak “koekkrummels” kopen. Dat waren onverkoopbare brokken en kruimels van diverse soorten koek, die bij elkaar werden geveegd en aan de lieve jeugd verkocht. Ik proef het weer als ik zo’n slappe sprits eet! Heerlijk! Geef mij maar bij de koffie een zak “koekkrummels”! Half twaalf. Wind is weg. De zee is pukkelig geworden. Strontvervelend. De zeilen klapperen. Het voorzeil is al weg en het ziet er naar uit dat ik het grootzeil zometeen ook naar beneden pleur. Gek wor ik ervan. Kwart over twaalf. We gaan vooruit. Maar om nou te zeggen: we gaan verbázend goed vooruit, nee, dat kan ik nu niet stellen. Zeven knopen wind en we gaan 1,3 knoop door het water en 1,7 over de grond. We hebben de stroom mee. We kruipen dus als ” een luis op een zeer hoofd” of als “een slak op een teerton” over de zee. Het gaat niet echt hard. Een beetje frustrerend, the story of our lives. We hebben net gegeten trouwens: twee broodjes met Italiaanse grove salami-worst en een broodje pittige kaas. Kwart voor twee. We komen zometeen langs een historisch belangrijke eilandengroep waaraan een verhaal vastzit met een hoog mythologisch gehalte. Ik verwijs daarvoor naar mijn bericht van 11 augustus 2011, want ik blijf niet aan de gang.

De Cyclopenrots

De Cyclopenrots; je zag geen huis in de tijd van Olliesuis

We gaan heel hard: 3,6 knoop over de grond en 3 door het water met 1400 toertjes. Ik moet maar weer eens diesel overhevelen naar de dagtank, want de bodem begint in zicht te geraken. We hebben nog zo’n anderhalf uur te gaan naar Catania, schat ik. Daar willen we voor anker gaan, vlak voor de haven. Als het niks is kunnen we altijd nog de haven in gaan. Drie uur. Nog een klein mijltje te gaan, tot de kop van de pier van Catania. De wind is toegenomen tot 12, 13 knopen af en toe en alleen op de genua gaan we 4,4 knopen over de grond en dat is hard voor ons doen vandaag. We zien de vliegtuigen onafgebroken van Luchthaven Fontanarossa gelanceerd worden. Er ligt een heel groot roll-on, roll-off schip in de haven en we zien de stad, de kerktorens, de flatgebouwen en alle andere frutsels en frutsels die je maar kan bedenken in zo’n grote stad.

Catania doemt op

Catania doemt op

Je moet er niet aan denken dat ze hier weer de Etna over zich heen zouden kunnen krijgen! Dat is in de 17e eeuw al eens gebeurd, alleen woonden er toen niet zoveel luitjes als nu. Ik hoop dat de ankerplaats achter de pier een beetje rustig is. Cees haalt me nu niet meer in. Ik heb daarvoor te veel gemotord. Tien over half vijf. Daar liggen we dan, sinds kwart over drie.

Vanaf de ankerplaats zien we onder andre dit

Vanaf de ankerplaats zien we onder andere dit

Nog steeds geen “Beau” te bekennen. We liggen goed, totnutoe. De zon is hard aan het zakken. Een heel andere omgeving hier, vergeleken met Naxos. Veel werkschepen met kranen en spudpalen die af en aan varen. Ze zijn de haven aan het uitbaggeren en brengen de zooi naar volle zee. Dat gaat continu door. Beetje computeren. Vijf voor half zes. Ah, daar is de “Beau”! Ze gaan naast ons ten anker.

Daar komt de "Beau"

Daar komt de “Beau”

Idem

Idem

De " Beau" komt ten langen leste ten anker

De ” Beau” komt ten langen leste ten anker

Wij zijn de enigen die hier liggen. Zeilboten varen af en aan naar de verschillende jachthavens maar niemand ankert. Tien voor zeven. We komen net terug van de “Beau”. We hebben weer gepalaverd. Vannag blijven we hier liggen. Morgen komt Niels aan boord en overmorgen gaan Cees en Anneke dan naar Taormina of Siracuse, dat weten ze nog niet. Wij gaan naar Siracuse om daar de komst van “ons Linda” (“Raccomandata”) af te wachten. Het water hier op de ankerplaats is niet helder en het barst van de kwallen. Ik hoop dat het echt plaatselijk is want anders kan Lin niet zwemmen. Te half twaalf gaan we naar bed. Ik heb het stukje van 7 september geschreven en geplaatst. Het was een fijne dag.

Dit bericht werd geplaatst in Logboek. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s