Donderdag, 18 september 2014

Siracusa 8

Vijf over zeven. Ik werd om kwart over vier wakker. Naar de w.c. geweest en daarna naar bed weer. Klaarwakker. Ik had beter kunnen gaan schrijven, maar dan was Linda wakker geworden, die aan de andere kant van het schot van de kaartentafel slaapt. Ik ging maar lezen over de maffia in een boek van Petra Reski. Ik viel weer in slaap tot zeven uur, met m’n hoofd boven op de iPad. Nu ben ik eruit want Linda is naar de plee geweest en Ingeborg is naar de plee geweest, dus hij werd aardig gevuld en ik moet hem legen, zie je. Hij dreigt namelijk elk moment te gaan verstoppen en dat vereist speciale pomptechnieken, die alleen ik, ja, sorry hoor!, beheers. Het gaat soms tamelijk zwaar en daar wil ik de dames niet mee opzadelen. Zelf draag ik driftig bij met het “aandikken” van de problemen! Genoeg hierover. Nou moet ik gaan zitten schrijven van hunnie; kunnen ze lekker heen en weer lopen bij het “toilet maken”, zit ik niet in de weg, weetjewel. Tis tog niet te geloven op je eigen schip! Tis trouwens somber weer, helemaal bewolkt. We moeten nog maar afwachten of de zon er tussendoor komt, verdorie. Half negen. Nou, we gaan naar de kant. Ik moet het autootje wegbrengen. Af en toe dringt het zonnetje door het wolkendek. Misschien valt het allemaal mee straks. Windstil is het en we kunnen redelijk comfortabel met het bootje naar de wal, auto wegbrengen, naar de markt, koffiedrinken in het stadje. Willem, je moet de rode opvouwtas meenemen! Goed, Ing. Ergerlijk, dat geblaat ertussendoor als je aan het opnemen bent! Tien voor negen. Ik loop in m’n uppie naar de auto op het parkeerterrein aan de Via Bengasi, voor de laatste keer. Nostalgisch moment. Ingeborg en Linda lopen alvast naar de verhuurder (met een omweg). Tien over negen. Het is gepiept. De auto is weg. Weg auto. Ingeleverd, zonder problemen. Ik moest een beetje bijbetalen voor de kilometers boven de 100, maar hij ontdekte gelukkig geen nieuwe deuken. Ja, je weet het nooit. We hebben er plezier mee gehad. We lopen de stad in om te gaan “sightsee-en”. Steegjes, straatjes, fraaie balkons, gevels, we krijgen er niet genoeg van!

Mooie straten

Mooie straten

Mooie geveltjes

Mooie geveltjes

Balkonnetjes

Balkonnetjes

Linda vindt het ook prachtig allemaal. Ingeborg levert vier boeken in bij het winkeltje dat die dingen voor 1 euro per stuk verkoopt voor “Artsen Zonder Grenzen”. Vijf voor half tien. We maken foto’s in de Duomo aan het grote plein. Een drukinktwekkende kerk, gebouwd op de fundamenten en rondom de zuilen van een Romeinse of Griekse tempel.We moeten toegang betalen: 2 euro per persoon, dat Ingeborg en ik 65-plussers zijn helpt er geen lieve moeder aan! De botten van een paar heiligen zijn daar tentoongesteld, altijd leuk. Veel mooie dingen om te fotograferen.

Poseren op de trappen van de Duomo

Poseren op de trappen van de Duomo

Kweetnietwathetis, maar het is prachtig

Kweetnietwathetis, maar het is prachtig

Idem

Idem

Kerkgangers

Kerkgangers

Mooi hoor

Mooi hoor

Een paar botjes van een heilige

Een paar botjes van een heilige

Kijk Lin, ik kan het je nu wel vertellen: Sinterklaas bestaat niet!

Kijk Lin, ik kan het je nu wel vertellen: Sinterklaas bestaat niet!

Mooi hoor

Mooi hoor

Handen op de rug, dat doet het wel

Handen op de rug, dat doet het wel

Sober, doch fraai

Sober, doch fraai

Een heel indrukwekkende kerk. Hele mooie, ouwe zooi! Tien voor tien. We zijn de kerk inmiddels uit en het begint zachies te regen. We kijken bij de bron van Arethusa, naar de mismaakte goudvissen die daar rondzwemmen tussen het papyrusriet. We moeten echt even schuilen op een terrasje van een pizzeria met rieten stoelen. We zijn de enigste klanten. De tafels moeten nog in orde worden gebracht met kleedjes en zo. We drinken er een kopje cappuccino. Je kan er je lepeltje rechtop in zetten. Voor Linda niet zo geslaagd. Ik vinnum wel lekker. We willen er wel iets bij hebben, maar ze hebben dus niks. Hebben wij weer. We rekenen af en lopen verder, straks nog maar een terrasje proberen. Het is inmiddels droog. Richting fort. Naar de andere kant waar je over zee uit kunt kijken. Het water is hier helderder. Half elf. Door de stad zwerven wij, kijken naar winkeltjes, geveltjes. Kijk, daar is de VVV. Handwerkartiesten op straat. Prachtig. Linda geniet. Wij natuurlijk ook. Een fotoshoot op de Piazza Archiméde en dan naar de markt.

Beeldengroep op het Piazza Archimede

Beeldengroep op het Piazza Archimede

Poseren bij de beeldengroep op de Piazza Archimede

Poseren bij de beeldengroep op de Piazza Archimede

Poseren bij de resten van de Apollo tempel, naast de markt

Poseren bij de resten van de Apollo tempel, naast de markt

Linda wil morgen voor ons een maaltijd op de boot maken. Daarvoor heeft ze pijnboompitten nodig, rode pesto, chiesa parmigiani, buffalo mozzarella en rode uien. Hoe verzin je het. Dat kunnen we alleen maar krijgen op de markt. De supermarkt heeft slechts de rooie uien en de pijnboompitten zijn verkrijgbaar in doosjes voor 5 euro. Da’s te dol. Een kakofonie van geluiden op de markt. De viskooplui schreeuwen hun kelen schor.

Vis

Vis

Idem

Idem

Linda maakt zich zorgen of we wel slagen in het verkrijgen van de benodigde spullen. Maar alles komt goed. Aan het eind van de markt is een stal waar we al eerder kazen en dergelijke kochten. Ze hebben daar alles wat we nodig hebben. Alleen de pesto wordt een pittige tapenade, ook goed vindt Linda. Ze hebben heel kleine verpakkingen pijnboompitten, dus dat komt prima uit. Een zakje buffel mozzarella en een heerlijk stukje parmezaanse kaas completeren het geheel. Opgelucht verlaten wij de markt om er na een kwartier terug te keren want we besluiten spontaan een fruitsalade te maken voor “tussen de middag” en daarvoor moeten we nog wat fruitjes hebben. Half twaalf. Beladen met pruimen, druiven etc. belanden we beladen in het bootje. We slaan het terrasje over dat we Linda beloofd hebben. We maken de “Wing IV” tot een privé-chillterras. Tien over half twaalf. We zijn terug aan boord. Deur opendoen. Linda zit dromerig te kijken, moet echt iets te drinken krijgen, heeft nog niks gehad, behalve dan dat beetje koffiestroop, het arme schaap. De lucht is nog steeds somber. Af en toe dreigt de zon door te breken maar hij durft niet. Heel vervelend eigenlijk. Jammer, voor Lin. Tien voor half één. We eten een fruitsalade: sinaasappel, banaan, druif, pruim en appel. Lekker hoor! Tien over half één. We zitten te chillen in de kuip en lezen over waar we allemaal heen gaan straks; het oor van Dionysos en al die andere dingen daarzo. Het waait inmiddels aardig uit het zuiden, de golven worden hoger, lekker dan! Dat wordt weer een nattertje bij terugkomst als het zo blijft. Kwart over één. We lopen alweer het pleintje tussen de twee bruggen af, waar we ons bootje hebben vastgelegd, naar de bushalte tegenover het postkantoor, vlak voor de Ponte Umbertino. Volgens de dienstregeling is ie net voor onze neus vertrokken, lijn 2. Goddammit. We zouden een uur moeten wachten. Gaan we niet doen. Het regent niet meer, de zon schijnt en we zijn vol goede moed: lopen maar! Lin zegt dat het wel gaat met haar “Shin Splint”. Vooruit, daar gaan we dan. Een stukje Corso Umberto II en dan rechtsaf richting Sanctuario della Madonna Lacrime, de betonnen tipi die ze niet zo lang geleden hebben opgericht omdat hier wonderen zouden zijn gesignaleerd. Het is een raar ding, maar heeft toch wel wat. We kijken wat rond op de boven- en de kelderverdieping, met het stukje Romeinse ruïne erin. Het is een soort drive-in kerk. Vreemd.

Poseren voor de betonnen paddestoel

Poseren voor de betonnen paddestoel

De binnenkant

De binnenkant

De onderkant

De onderkant

Buiten is het teringachtig heet! Zweten! We houden vol. Niet ver van het sanctuarium bevindt zich het terrein waar dé archeologische bezienswaardigheden van deze stad als één pakketje worden aangeboden, onder de naam “Neapolis”: de Romeinse arena, het altaar van Hiëron II, het Griekse amfitheater en het Oor van Dionysios. Toegang: 10 euro p.p. De 65+ regeling waar wij reikhalzend naar hebben uitgekeken is ook hier niet aan de orde. Gewapend met gekochte flesjes water en toegangskaarten tijgen wij naar de ingang van het park, want zo moet je het toch wel noemen. Op weg naar het Griekse theater mogen we gratis door de spijlen van een hek het altaar van Hiëron II bewonderen, dat in de rotsbodem is uitgehouwen over een lengte van bijna 200 meter en 23 meter breed. Wat bezielde die lui destijds?

Het altaar van Hieron II

Het altaar van Hieron II

Alhoewel, het was wel werkgelegenheid, natuurlijk. Het Griekse theater blijft verbazen; jammer dat die klootzak van een Karel V in de 16e eeuw de boel half heeft gesloopt om met het materiaal de vesting van Ortigia te versterken. Ook de muren van het altaar van Hiëron II heeft ie daarvoor gebruikt, de sukkel. We dwalen met nog een paar honderd luitjes van diverse nationaliteit over de tribunes en de hoogte erboven, waar je zicht hebt op de baai. Ik geloof dat ik onze boot zie liggen! Het is die ene!

Het Griekse theater

Het Griekse theater

Een klimmetje

Een klimmetje

Ik denk dat ik de boot zie liggen!

Ik denk dat ik de boot zie liggen! (maar dan moet ik me wel omdraaien natuurlijk)

Impressive

Impressive

Het theater van onderen

Het theater van onderen

Het blijft geweldig ondanks het hoge toeristische gehalte: “de geschiedenis kijkt hier op u neer”. Lin vindt het prachtig allemaal. We drinken van het water, dat is wel nodig. Het is niet druk hier, maar het zijn wel veel mensen. Ook bij de “skyboxen” maken we natuurlijk veel foto’s.

Skybox met bubbelbad

Skybox met bubbelbad

Hi Lin!

Hi Lin!

Deze skybox was erg diep

Deze skybox was erg diep

Weer poseren, maar wel goed geslaagd hoor, Lin!

Goed geslaagd hoor, Lin!

De groeve waarin het oor zich schuilhoudt

De groeve waarin het oor zich schuilhoudt

En de groeve waar het oor van Dionysios zich bevindt is eveneens een mooi onderwerp. Linda ziet op weg naar “het oor” een paar kleine poesjes en is op slag het doel van ons bezoek vergeten. Ach, wat een lieffies!

Poesjes!

Poesjes!

Toch maar naar “het oor”, een in de vorm van een gehoororgaan (dat overigens meer lijkt op het oor van “Mr. Spock” uit “Star Trek” dan dat van Dionysios) in de rotsbodem uitgehakte grot waar volgens de legende Dionysios gevangenen afluisterde. Het is een indrukwekkend stukje hakwerk, zeer gehorig en achterin hartstikke donker.

Het oor van Spock

Het oor van Spock

Lin fotografeert mij. Op dat moment was het hartstikke donker achterin

Lin fotografeert mij. Op dat moment was het hartstikke donker achterin

Moeder en dochter in het oor

Moeder en dochter in het oor

Moeder en vader in het oor

Moeder en vader in het oor

Het is tamelijk hoog uitgesneden, dat oor

Het is tamelijk hoog uitgesneden, dat oor

Op onze laatste benen lopen we naar de resten van de Romeinse Arena dat eruit ziet zoals het er na 2000 jaar uit hoort te zien. Een suppoost bij de ingang vraagt of we toegangsbiljetten hebben. Ja hoor, die hebben we! Mooi, loop dan maar door. Kijk, dat weten we dan weer, voor de volgende keer. De arena is nog goed herkenbaar en ziet eruit zoals ruïnes eruit behoren te zien; geen mislukte, wanstaltige restauraties hier en deze keer betrekkelijk netjes van onkruid ontdaan.

De Romeinse Arena

De Romeinse Arena

Idem van de andere kant

Idem van de andere kant

Jongens, jongens, wat een geschiedenislessen krijgen wij hier! Het terrasje op het terrein zit vol. Linda heeft honger, valt zowat flauw zegt ze, en wil wat eten. Aan de andere kant van de weg gaan we aan het enige overgebleven vrije tafeltje zitten en Linda en ik halen ijsjes, zeer ongezond maar het stilt de honger ook. Ze hadden geen tomaten en komkommers helaas. Ingeborg neemt water maar wil toch wat hapjes van onze ijsjes. Als ze op zijn zien we de bus, nummer 2, klaarstaan op de parkeerplaats. Rennen! Het busje brengt ons perfect naar de Via Bengasi, pal tegenover een hoedenverkoper, je-weet-wel: deze had geen horloges of kettinkjes, maar hoeden! We stappen uit en ik pas, intensief geadviseerd door Linda en Ingeborg, ongeveer twintig hoeden, tot ik een slap ding tref dat mijn oren niet helemaal dubbel vouwt en tamelijk klem zit op mijn hoofd. Het ding kost 5 euro. Vooruit maar. Een beetje laat maar eindelijk toch verstandig en als ik deze in een douche-ruimte laat liggen is er nog geen man overboord. Het is geen gezicht, maar nodig.

Hoedje!

Hoedje!

Tien voor half vijf. T.a.b. (= terug aan boord). Tamelijk hoge golven hadden we. We werden behoorlijk nat. Ingeborg vond dat weer niet leuk. Wat een gezeur. Het wordt tijd voor een Sturiër (met ruitenwissers!). Ik begin vast met chillen, die anderen zijn binnen nog druk bezig met drankjes en hapjes en zo, maar daar kan ik niet op wachten; ik wil chillen. Ik chill letterlijk: de wolken zitten weer voor de zon, verdomme. Ik vind het zo jammer voor Linda! De temperatuur is wel goed, maar het is niet aanlokkelijk genoeg voor haar om steeds weer in het water te springen en dat had ze zo graag gewild. Erg vervelend, maar niks aan te doen. Aan de andere kant was het “mindere” weer wel prettiger bij het wandelen en slenteren dan wanneer de zon onbarmhartig had geschenen. “Zo heb elk nadeel z’n voordeel”. Tien voor vijf. Motor gestart om warm water te genereren zodat Linda even lekker kan douchen en voor de accu’s is het ook nodig. Het is iets harder gaan waaien, maar we zitten lekker in de kuip en eten zoete kaas (uit het dal van Emmen), Kabanossi worstjes, lijfjes (zwarte), zoutjes en drinken een glaasje witte wijn en een biertje. Lekker hoor.

Chillen en loungen

Chillen en loungen

De gereedschappen

De gereedschappen

Kwart voor zes. De motor draait nu een uur. Ik doe hem uit. Iedereen zoekt zijn badpak want we gaan zwemmen. Zes uur. De meiden zwemmen een half uur en ik maak foto’s van hen.

Zwemmen, ondanks de golven

Zwemmen, ondanks de golven

Moeder en dochter met Siracusa op de achtergrond

Moeder en dochter met Siracusa op de achtergrond

Naar het zuiden gezien

Naar het zuiden gezien

Linda gaat daarna douchen (in de boot!) en als er water over is ga ik ook even. Het is half zeven. De gootsteen borrelt van de douchepomp. Hij loopt niet lekker door. De avond valt al, de zon neigt ter kimme en er zitten ook nog wolken voor in het westen. De douche wordt nu tenminste een keer gebruikt. Tien over zeven. Wat een drukte in de boot! Linda heeft een half uur gedoucht en ik ook! Ingeborg kreeg achterop twee flessen water over zich heen (eigen keus). Willem, neem je jouw tas mee? Nee, neem jij de jouwe maar mee, ik wil vanavond niks op mijn rug. We gaan naar de kant zie je, voor de zoveelste keer vandaag. Vijf voor half acht. We gaan naar de kant, uit eten. Linda trakteert! Lamp op mijn kop als navigatielicht. Deze keer varen we naar de hoek voor de kleine bootjes naast de jachthaven, dicht bij het centrum. Een bruidje wordt gefotografeerd op de kade. De bruidegom had zich wel eens mogen scheren. Na enig aarzelen strijken we wederom neer op het terras van Il Cenacolo, waar het vanavond drukker is omdat de buurman gesloten is, denk ik. We eten heerlijk! Omdat ie zo goed bevallen is op Ingeborg d’r verjaardag nemen we weer de tonijn (Ingeborg) en de zwaardvis (Linda en ik), gevolgd door een lekker dessert hapje.

Lin geniet!

Lin geniet!

Wij ook

Wij ook

Even verteren, hoor!

Even verteren, hoor!

We gaan gewoon door

We gaan gewoon door

Het toetje

Het toetje

De tijd vliegt. Half elf. We hebben fantastisch gegeten. Tijd om af te taaien. Linda rekent af en we lopen door de straatjes terug. Hele families met kleine kinderen zitten op straat, te genieten van de avondkoelte. Beneden horen we op de kade een bandje en een zangeres die onze belangstelling wekken. We lopen erheen en luisteren een tijdje. Helemaal niet gek. De akoestiek is niet goed natuurlijk maar het komt over. Ze zingt covers en Italiaanse liedjes die wij niet kennen. Ze heeft een stevig keeltje. Leuk hoor om dat ook eens mee te maken. Vijf over elf lopen we dan toch eindelijk naar het bootje en laten ons van de kade erin zakken. Het is windstil en de overtocht is geheel probleemloos. Half twaalf. Ik geloof dat we naar bed gaan, tenminste, ik krijg die indruk. Oh nee, toch niet, Linda stelt voor nog een afzakkertje te nemen. Nog een laatste voor het slapen gaan, in de kuip. Dat kind is toch ook een bikkel, hè? Je moet haar alleen sogges niet meemaken. Mama gaat naar bed. Die is kapot. Wij zijn ook kapot, maar we doen net alsof van niet. Gaaaap, heerlijke avond. Windstil. Rond de hele baai lichtjes. Alleen de uitgang is zwart. Morgen gaan we weg hier. Volgt nog een verhandeling over “stroom”. Linda wil er alles over weten, over opladers, accu’s, wat gebeurt er als….enz. Ik leg het uit. Snap je het nou? Nee. Goed, ok, welterusten. Was dat even een fijne dag?!

Dit bericht werd geplaatst in Logboek. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s