Vrijdag, 10 oktober 2014

Licata 9

Half zeven ben ik eruit gegaan en meteen gaan schrijven. Ingeborg ging meteen naar de douche. Het is nu kwart voor acht en ze staat gezellig een joggertje samen te stellen. Wat hoor ik? Ik snel naar buiten (ben gauw afgeleid, zie je) en zie een soort platte bak boot aan komen varen met een hydraulisch kraantje erop. Ah, ze gaan het gezonken bootje lichten! Gauw fototoestel pakken. Buurman Ian van de “Jigsaw” is ook geïnteresseerd. Er is geen duiker bij de hand om de hijsband om het bootje heen te leggen dus trekken ze hem eerst verticaal met een dun touwtje omhoog aan een oog in de boeg, dat daar helemaal niet voor bestemd is. Als dat maar goed gaat! De bergingsboot beschadigt de steiger, een paar touwtjes knappen of worden doorgesneden en de railing van het bootje wordt met schroeven en al uit de polyester rand getrokken, maar verder gaat alles goed.

Hier ligt ie nog ondergedompeld als een kunstmatig rif

Hier ligt ie nog ondergedompeld als een kunstmatig rif

En daar hangt ie dan, aan zijn ene oogje

En daar hangt ie dan, aan zijn ene oogje

Trekke manne!

Trekke manne!

Wat een avonturen maken wij mee. Negen uur. Tis zonnig buiten, nog wel fris, ik loop met een jasje aan. Het bootje drijft, de eigenaar kan naar de buitenboordmotorwinkel gesleept worden en een nieuwe motor kopen en buurvrouw Melanie doet de was.

Hij droift!

Hij droift!

Melanie doet de was

Melanie doet de was

Kwart over negen. Dat is nou toch ook wat: komt me daar de “Rainbow Warrior” van GREENPEACE de haven binnengevaren! Van deze is er maar één. Er was een voorganger, maar die is jaren geleden door de Franse geheime dienst opgeblazen in Nieuw Zeeland, of was het Australië? Het schip gaat naast de cementfabriek liggen aan de andere kant van “ons” schiereiland. 09.50 uur. Het stukje van 9 oktober 2014 staat erop. Beide watertanks zijn leeg. Ik vul de bakboordtank voor de helft, dat moet genoeg zijn om het tot ons vertrek uit te zingen. Koffie etc. 12.30 uur. Ik loop om de cementfabriek heen aan de zeekant en maak foto’s van de “Rainbow Warrior”. Er zit daar een gat in het hek zodat ik de gewapende wacht kan vermijden. Ik kan gewoon tot naast het schip komen en maak een serie foto’s. Ze zijn bezig met de bevoorrading en er wordt een groot net in het want gehesen. Het is geen mooi schip. Het zal van oorsprong een motorschip geweest zijn met een lage opbouw, waarvan ze vonden dat ze er wel een zeilschip van konden maken. Zet er gewoon vier palen op en hop, zeilen maar. Heel apart.

Varende brugpijlers

Varende brugpijlers

Greenpeace, het staat er op

Greenpeace, het staat er op

Alles kan zeilen, hè, als je er maar palen op zet.

Alles kan zeilen, hè, als je er maar palen op zet.

Hierop kun je goed zien hoe groot de haven van Licata is

Hierop kun je goed zien hoe groot de haven van Licata is

"Rainbow Warrior", tissum

“Rainbow Warrior”, tissum

Dit is ook nog haven  van Licata, de andere kant van mijn standpunt op het schiereiland

Dit is ook nog haven van Licata, de andere kant van mijn standpunt op het schiereiland

Daar ergens liggen wij

Daar ergens liggen wij

Hier dus

Hier dus

Kom ik terug bij de boot, blijkt meneer Elia di Prima langs te zijn geweest. Ik bel hem meteen en over twintig minuten komt ie langs. De zon schijnt en ik internet (mooi hè, die nieuwe werkwoorden die in een razend tempo ontstaan: ik internet, jij internet, wij hebben ge-internet) en ik plak een reep duct-tape over de luchtinlaat van de motorruimte.

Stofdicht

Stofdicht

Vijf over één komt Elia langs. Dat blijkt een tamelijk jong ventje te zijn. Een soort beleefdheidsbezoekje eigenlijk. Wel aardig. We spreken af dat op 3 april de boot bij hem de kant opgaat, dat gebeurt met een kraan niet met de travellift, zegt hij. Dat betekent dat we nu een vlucht kunnen boeken op 1 april, de eerste dag van 2015 dat Transavia op Catania vliegt. Ik mag zelf de boot schoonmaken en schilderen. De verf regel ik ook zelf. Nou, bedankt Elia, tot dan dan. Ingeborg gaat een wasje doen en de plee ontkalken met azijn. Ik lucht de ankerlijn van het achteranker en zet hem aan dek met een deksel erop. Voorts zoeken we kleertjes uit, we sorteren de snoeren en kabels en leggen nu al alles klaar om in de tassen te doen.

Snoeren en troep onder tafel, wij vegen alles onder tafel

Snoeren en troep onder tafel, wij vegen alles onder tafel

Vroeger kon hier iemand slapen

Vroeger kon hier iemand slapen

De zwemtrap gaat de hondekooi in. De papieren die mee moeten zoeken we uit. Wat nog meer? Oh ja, de blauwe bak die aan dek staat moet nog naar binnen. 15.00 uur. Ik zit bootjes te kijken, al een tijdje, kan er niet genoeg van krijgen. Historische gebeurtenis: INGEBORG VALT TIJDENS HET PUZZELEN IN SLAAP! DAT IS NOG NOOIT, IK HERHAAL: NOG NOOIT VOORGEKOMEN! Als ik mijn kanis had gehouden, had ze nu nog geslapen. Moving on. We kijken naar een filmpje dat Linda op Facebook heeft “ge-liked” (weer zo’n nieuw werkwoord, het is niet bij te houden): een vent die een kat zit te masseren, geen gezicht, wel koddig, het beest hangt als een zoutzak onderuit met een tevreden glimlach op zijn snuit, zo ziet het er tenminste uit! Vier uur. Ik boek onze vlucht op 1 april 2015. Da’s geregeld. Ik ga aan de kant plassen en fiets door naar Andrea Valenti van de Dekker Watersport op de haven om verf te bestellen. Hij zoekt de prijs op de computer en laat hem mij zien: 549 euro voor vijf liter Trilux 33 antifouling!!! Ik krijg terplekke een hartverzakking en nadat ik weer ben bijgebracht vertelt Andrea mij blijmoedig dat ik 45 procent korting krijg. Nou, nou, dank je wel zeg! Ben ik even gematst! Ga nog even door Vriend en je krijgt een landvastveer in je nek! Christ on a bike: 302 uro’s moet ik neertellen. Dat doe ik met de creditcard, dan stel ik het nog een beetje uit, zie je. Andrea zal de bus, zodra die er is, in de kuipbank zetten. Ik breng de sleutel van de kuipbank en van de kajuitingang naar het havenkantoor. Daar krijg ik prompt een drupje espresso aangeboden, dat mij naar het plafond brengt, zo sterk is ie. Ik benadruk bij de dame dat als ze ons komen ophalen om ons naar de bus te brengen, zij echt, really, really, op tijd moeten zijn! Er is voor ons maar 1 bus en slechts 1 vliegtuig om te halen!! Ja hoor, komt goed, we hebben zelfs iemand die moet om vier uur opgehaald worden. En jullie moeten eerst naar de “Beau” gaan en daarna pas ons ophalen, da’s makkelijker voor jullie. Ok, ok. We gaan het zien en meemaken (morgen ga ik dit verhaal weer afsteken tegen de persoon die dan achter het bureau zit). Ik fiets door naar de “Beau” en drink daar gezellig een pilsje en klets nog even over de actualiteit van vandaag en de komende dagen. Te 18.00 uur gaan we met zijn allen naar het “Happy Hour” op het terras van Café Letteraria. Dat terras stroomt tamelijk vol met live-aboards. We vragen ons af of er niet een Nederlands woord hiervoor is. Dat is er niet dus “live-aboard” is vanaf nu een Nederlands begrip. We maken kennis met Pauline, een Australische, en haar man en met Harriet, een Finse (geen man gezien). Ik voer een uitgebreide discussie met hen, als dames onder elkaar, hoe je het beste eieren kunt koken, zonder dat ze stuk gaan en Pauline en ik kunnen Harriet ervan overtuigen dat eieren helemaal niet slecht zijn voor je Golerol-gehalte! Je mag er zoveel van eten als je wilt! Vraag maar aan dokter Frank. Een eye-opener voor Harriet! Lache man. Na het happy hour eten we een pizza bij de buren van Letteraria, een splinternieuw restaurant. We moeten binnen zitten want het terras is gereserveerd. Het restaurant is zo nieuw dat het tafelblad waar Anneke en ik aan zitten, doormidden is gescheurd en op zijn ene poot staat te wiebelen, hij kan elk moment in elkaar storten. Voorts zit er zoals gebruikelijk geen slot op de deur van de plee, die overigens verder prima in orde is. De pizza en de wijn smaken voortreffelijk en we hebben het reuze naar ons zin. De laatste keer dat we dit seizoen uit eten zijn. Een gedenkwaardig moment. Tien voor tien. Nog een paar nachten en dan zijn we weer thuis. In de kuip drinken wij nog een slokje en denken hierover na, staan er bij stil als het ware. Vijf voor elf. Ingeborg ligt er allang in. Ik haal de slotbrug op en ga ook naar binnen. Tandje poeten en naar bedje toe. Het was een fijne dag en om toch ook nog een beetje cultureel en geëngageerd over te komen sluit ik af met de slogan die de “Rainbow Warrior” in het grote net tussen zijn palen bleek te hebben gehangen:

DSC_2395

Dit bericht werd geplaatst in Logboek. Bookmark de permalink .

Een reactie op Vrijdag, 10 oktober 2014

  1. Linda zegt:

    Leuk verhaaltje weer pap. En wat cool dat de Rainbow warrior daar ligt!! Tot gauw!

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s