Woensdag, 22 april 2015

Mazara del Vallo 2

Half acht. Tweeëntwintig april. Toch? Gaap! Ja. Tweeëntwintig april. Juist. We liggen in Mazara del Vallo. In vorige stukjes heb ik nogal wat keren Mazara met twee zetten geschreven. Onvergeeflijk. Ga het niet corrigeren. Een behoorlijk klote nacht achter de rug. Ingeborg ligt nog in bed. Het is stil in deze industriële haven; ik hoor niets van beginnende arbeiders op de werf aan de overkant, geen klinkhamers, geen autogene lasapparaten, niets. De zon komt op, hij komt zo boven het logge witte polyester lichaam naast ons uit. Dat komt zometeen wel goed, als ie stijgt, de zon bedoel ik. Vannag weer een boek liggen lezen – over een dik meisje dat gepest wordt en (onder andere) daardoor flipt en een medeleerling ontvoert, vervolgens de pester vermoordt en aan het eind volkomen verbijsterd wordt opgepakt; lekker leesvoer snags – en jacht gemaakt op een mug met behulp van mijn nieuwe flashlight. Ingeborg werd er niet eens wakker van. Midden in de nacht ben ik in mijn blote kont naar buiten gegaan om een muggenhor over het voorluik te plaatsen, verdomme, er verandert ook niks! Ik ga nu maar zitten schrijven over 20 april, misschien red ik 21 april ook wel vandaag. Tien voor half elf. Ben net klaar met stukje schrijven van 20 april; een hele bevalling weer. Tussendoor even met Engelse buurman staan praten, maar het kort gehouden want voor je het weet loopt het uit de hand. Ik moet doorwerken. Buurman, met een piratendoek op zijn kop geknoopt, ging een hangmat ophangen. Tuurlijk. Ingeborg maakt koffie met een Knopper, dat wil zeggen: de Knopper pakt ze gewoon uit de kast. De eerste koffie van de oggend is altijd een echte filterkoffie, de rest oplos, ook lekker. Kwart voor elf. We gaan zometeen even wandelen in de stad, voordat de siësta uitbreekt, dan is het iets gezelliger, dachten wij. We gaan niks kopen. We zien wel. Door de tent heen lopen we de pier op. Maar eerst proberen we allebei de plee en inspecteren de daarin gevestigde douche. De plee werkt. De douche gaan we niet proberen. Deze past niet in charge band 4. Dacht het niet. We gaan vanmiddag op de boot wel douchen en spoelen alles overboord want een blinde drol kan in deze haven toch geen schade aanrichten. In het zonnetje lopen we over het grote parkeerterrein naar de stad, uitkijkend naar vuilniscontainers die volgens de havenknul ergens links moeten staan. Op het plein rechts , waar de boulevard begint, staat een kleine semipermanente kermis voor kinderen met wat caravans eromheen (nee Ing, dat zijn geen Roma’s!). Aan onze linkerhand strekt de haven zich uit met de grote boten op de werf aan de overkant. Er loopt een weg langs de haven en aan de stadskant zien we de containers staan. Oversteken lijkt een beetje tricky, maar dat valt mee. De automobilisten hier zijn overwegend rielekst en stoppen voor iedereen die zomaar oversteekt met een tempo waar je haren van te berge rijzen, hetgeen veelvuldig gebeurt! Niemand kijkt ergens van op.

Wandelen langs de rivier

Wandelen langs de rivier

De werf aan de overkant

De werf aan de overkant

Prachtig! We volgen de rivieroever het land in en schieten plaatjes dat het een lieve lust is. God, wat een vuile, vieze, kolere rivier is dat! Het stinkt er naar rotte vis en diverse wrakken liggen in de prut begraven, tussen het ronddrijvende piepschuim en ander goor spul. Schilderachtig, dat wel, maar het komt nooit meer goed, tenzij de mens hier vertrekt. Misschien kan de natuur zelve dan nog iets herstellen. Wat wel grappig is, is de pont, een soort drijvende doos, die zo traag als een slak op een teerton, ergens halverwege het bevaarbare deel van de rivier, zichzelf met een pruttelende dieselmotor aan twee kettingen naar de overkant trekt. Uitermate traag verloopt dat proces.

Doospont

Doospont

Ik voel me net een Amerikaan die met open mond naar een bejaarde Nederlandse fietser staat te kijken. Lache man (ik heb ondertussen begrepen dat dit het equivalent is van het in de social media gebruikelijke: LOL! is, maar daar doe ik niet aan mee, ik weiger!). Ik maak een foto van een wrak aan de overkant. Ik wil wedden dat die daar over 1000 jaar nog ligt in een van God en van mensen verlaten overwoekerd natuurgebied, als een versteend aandenken aan de twintigste eeuw; ik kom dan zeker terug en maak weer een foto, voor wie weet ik niet.

Long term wrak

Long term wrak

Een eind landinwaarts moeten we bij een brug omhoog. Er is een trap met heel verrassend fraai tegelwerk op de verticale delen van de treden. Fotootjes natuurlijk.

Prachtige tegeltjes

Prachtige tegeltjes

Ingeborg loopt de trap op

Ingeborg loopt de trap op

We komen uit in een hele lange straat, zeer levendig met vele winkeltjes en mooie lantaarnpalen, hier en daar best groezelig, maar overwegend betrekkelijk schoon en opgeruimd. Het is warm geworden. We zweten. Op de stoep staat ergens tegenover een winkeltje een stand met groente en fruit. Daar liggen arebeien in 10 bakjes op een tray. Er staat een prijs bij van 3,50 euro. Veel te duur voor zo’n bakje, zegt Ingeborg. Wacht even, ik ga informeren. Jazeker, 3,50 euro voor de hele tray! Maar dat is om en nabij de twee kilo, bij elkaar! Hoppa, ik ben zo gek niet of ik koop zo’n tray. De man blij, wij blij. Hij stopt em in een plastic zak, maar ik moet hem wel horizontaal blijven tillen. Heb ik er wel voor over. We trotten verder. Trekken wat kleren uit en stoppen wat in de rugzak van Ingeborg en binden de rest om ons lijf.

Armbeien in de hitte, naast een sinaasappelboom

Arebeien in de hitte, naast een sinaasappelboom

Een leuke wandeling. Een maffe zwerver ergens tegen een pui. Leuke pleintjes. Kerkjes. Auto’s en aardewerken potten in een autovrije, luxe straat met mooie winkels (echt iets voor Anneke!) die, by the way: Corso Umberto heet! Prachtig allemaal.

Leuke pleintjes

Leuke pleintjes

Lange straten

Lange straten

Veel auto's

Veel auto’s

Idem

Idem

Een mooie zwerver! (Hij had een asterix helmpje op)

Een mooie zwerver! (Hij had een asterix helmpje op)

Pot

Pot

Idem

Idem

Idem

Idem

Idem

Idem

Idem

Idem

Idem

Idem

Idem (en ze hadden er nog veel meer!)

Idem (en ze hadden er nog veel meer!)

Dit vin ik een mooie, cleane foto van Ingeborg

Dit vin ik een mooie, cleane foto van Ingeborg

Dit ook

Dit ook

We genieten van de wandeling, maar worden wel ietsjes moe. Leuke stad. Een eye-opener. Buurman had geen gelijk (die vond het niet veel, hier). Terug naar de boot dan maar. We komen uit op de boulevard, bij een prachtige kathedraal waar we nog niet in gaan. Dichtbij de kathedraal is een soort plantsoen met gigantische kronkelbomen, zoals die ook in Siracuse staan. Heel fraai. De boulevard is ook niet verkeerd, nog wel wat kaal, qua terrassen en dergelijke, maar het is nog vroeg in het seizoen.

Boulevard

Boulevard

Idem, de haven op de achtergrond

Idem, de haven op de achtergrond

De andere kant op gezien

De andere kant op gezien

Dikke bomen

Dikke bomen

Mooi plantsoentje

Mooi plantsoentje

Idem

Idem

Nog meer boulevard

Nog meer boulevard

Idem

Idem

Kwart over twaalf zijn we op de boot. Moe maar voldaan drinken we een bak koffie met een sprits en vallen daarna aan op de arebeien, waarvan wij een flink aantal verorberen op brood. Daarna donder ik op de kuipbank in slaap. Na mijn slaapje en Ingeborg d’r puzzelsessie nemen wij een douche. De straal is verdacht slap, van de douche. De pomp pulseert, in plaats van een constante straal te produceren. Dat ding heeft toch niet ook een prostaat?! Te 14.30 uur gaan we weer wandelen, naar de supermarkt, naast de kathedraal op de boulevard, de COOP. Oh nee, eerst even de afvoer doorpompen, de gootsteen stagneert, die ook al. Het wordt vijf voor drie als wij de de stad ingaan. De super is dicht, tot 16..30 uur. Lekker dan. We slaan weer aan het wandelen en zwerven door de stad, die groter is dan Licata, lijkt het wel. Saaie straten en leuke pleintjes wisselen elkaar af. We zitten op een bankje voor een kerk en kijken naar het leven dat zich aan ons oog voltrekt (een klein stukje dan). Auto’s, motorfietsen. Het krioelt aan een stuk door, in het algemeen in volledige harmonie! Geen getoeter en geen gefoeter. Sfeervol en gezellig. Te half vijf zijn we bij de Coop, die dan net open is. Een dure winkel. We kopen een paar noodzakelijke dingen (een spuitbus slagroom voor de arebeien!) en gaan terug naar de boot. Ingeborg gaat zitten skypen op de iPad met Miriam in de cantina en ik loop naar de boot en schenk een bel whisky in en neem een handje zoute pinda’s, want daar was ik na aan toe.

De jachthaven (1 steiger)

De jachthaven (1 steiger)

Ik, bij de boot, hier zie je de stalen bak van de buurman

Ik, bij de boot, hier zie je de stalen bak van de buurman

Tien over half zeven. Heerlijk gegeten. We hadden een koude kippebout en koude rauwe lofsla met een gekookt eitje. Man, wat was dat lekker! Als toetje hadden we arebeien met slagroom, een heel bord vol met een berg slagroom eroverheen. Niet gezond, maar wel lekker. Dit doen we morgen weer! Dat moet wel, want het is nog lang niet op.

Arebeien

Arebeien

Zeven uur. We gaan een paar afleveringen bekijken van “The Big Bang Theory” en dan naar bed. Te 21.00 uur: vier afleveringen bekeken, de laatste moet morgen over want de luiken vielen al dicht. Half tien. We gaan naar bed. De vlag hangt slap, alles hangt slap. Het is windstil. Als het goed is gaat de wind naar het zuiden vannag. Ik doe de computer dicht, ik ga naar bed. Welterusten. Het was een fijne dag.

Dit bericht werd geplaatst in Logboek. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s