Maandag, 27 april 2015

Porto Teulada 2

Kwart over zeven. Totaal bewolkt en volkomen windstil. Van een storm is nog niets te zien, te voelen, te horen of te ruiken maar we liggen wel in een haven. Had niet gehoeven. Dat knaagt meteen. Lekker geslapen van half tien tot zes uur in onze donkere grot voorin de boot (de rubberboot ligt over het luik). Ik ga maar eens proberen een stukje te schrijven. Gisteren lukte mij dat niet, maar het zal toch moeten anders vallen er gaten in het verhaal. En dit gat moet echt gevuld worden, ik voel het. Half negen komt Ingeborg pas haar bed uit. Het regent eventjes heftig. Dat schijnt vannacht ook te zijn gebeurd want alles is kletsnat buiten. We zitten knus in onze boot. Ik schrijf. Er moet wat gebeuren met de landvasten want eentje piept en kraakt behoorlijk. Het havenleven is weer begonnen. Dit was niet de bedoeling. Ik blijf schrijven. Vijf voor tien inmiddels. Het is buiten onaangenaam. Nog geen storm, dat niet maar het is guur en grauw; de schutbordjes blijven in de ingang. Twee meeuwen staan op de kop van de steiger met elkaar te lullen. Geheel stil liggen we niet; de storm kondigt zich in de vorm van deining reeds aan. Ik moet stoppen met schrijven want “we gaan naar de markt” op de camping, naïevelingen die wij zijn. Er hoeft maar iemand te roepen dat er “markt” is en wij rennen! Een goeie wandeling is trouwens nooit weg, alleen al daarom gaan we maar. Te 10.30 uur is het zover. De wind komt nu wel op, een beetje. We nemen toch maar geen paraplu mee en gaan (te) dik gekleed op pad, allebei een rugzak mee. Over de weg langs de jachthaven lopen wij omhoog tot een onverhard pad linksaf in zicht komt, dat slaan wij in, want wij hebben daar vier jaar geleden ook gelopen. De begroeiing langs de weg en op de hellingen geurt heerlijk naar voorjaar, vooral nu er verse buien overheen zijn gegaan. Op het pad voor de camping maak ik foto’s van Ingeborg, dapper stappend met de bloemetjes en de bosjes op de achtergrond.

Lekker wandelen in het geurige veld

Lekker wandelen in het geurige veld

Geurig en kleurig, zeg ik toch!

Geurig en kleurig, zeg ik toch!

Ing vindt Mimosa prachtig

Ing vindt Mimosa prachtig

We passeren een poorthek van de militaire toestanden achter de afrastering links van het pad. Het is hier een heftig militair gebied zie je. Geen hond te zien overigens. We kunnen zo de camping op lopen. Daar is ook niemand te zien. Ik loop naar de campingwinkel en de bar die gesloten zijn, als een oester. Uitgestorven. Kampeerder noch beheerder in zicht en geen marktstalhouder zal het in zijn harses halen hier op dit onzalig uur met zijn verlepte groenten te gaan staan wachten op twee leipen uit Holland die door de havenknul op het verkeerde been zijn gezet. We leren het ook nooit!

Ja, daar sta je dan, beteuterd te kijken

Ja, daar sta je dan, beteuterd te kijken

We kuieren over de camping naar de zeekant, fotootje hier, fotootje daar. Onderweg trek ik drie lagen kleertjes uit want ik krijg het warm. Daarna verder naar de achteruitgang waar we een tuinman aantreffen die een autootje vol droge bladeren op een hoop kiept, kennelijk met de bedoeling dit in de hens te steken.

Uitgestorven camping

Uitgestorven camping

Oh nee, daar loopt er eentje

Oh nee, daar loopt er eentje

Ik heb de "selfie" ontdekt

Ik heb de “selfie” ontdekt

Ingeborg kreeg het ook warm

Ingeborg kreeg het ook warm

Uitzicht op de jachthaven

Uitzicht op de jachthaven

Door de achterpoort die gelukkig openstaat komen we weer bij de kust en op het pad dat we ons ook nog herinneren van 4 jaar geleden.

De achterdeur uit

De achterdeur uit

Tis hier wel mooi (in de zomer)

Tis hier wel mooi (in de zomer)

Nog meer kleurtjes

Nog meer kleurtjes

Idem

Idem

Hee, nog meer!

Hee, nog meer!

De wandeling voert ons over een paadje door bosjes en struikgewas weer naar de kant van de jachthaven, over een soort schiereiland met rotsen en afgronden aan de rand van de zee. We schieten plaatjes dat het een aard heeft.

Afgrond

Afgrond

Zicht op de haven

Zicht op de haven

Zeezicht

Zeezicht

Bosjesvrouw

Bosjesvrouw

Daar is de haven weer

Daar is de haven weer

Even zitten en....

Even zitten en….

.....watching the world go by

…..watching the world go by

Deze heeft Ingeborg genomen, knap he?

Deze heeft Ingeborg genomen, knap he?

Kom we gaan....

Kom we gaan….(krijg ik hangtieten?!)……..

....ik ben het zat

….ik ben het zat

De tuinman heeft inderdaad de brand gestoken in zijn hoop, de hele haven, waar de wind heen staat, wordt vergeven van de rook. Kwart voor twaalf. Tijd voor een bak koffie. We zijn terug op de boot. Ingeborg is onderweg geprikt door iets, in d’r been. Als dat maar niet iets naars is! Op steiger praat ik eventjes met de Fransman die naast ons voor anker ging. Hij en zijn vrouw zijn na 10 jaar zwerven ook op weg naar huis, in Bordeaux is dat. Hij is jaloers dat wij binnendoor gaan over het Canal du Midi! Ja, moet je maar een Koopmans kopen. Kwart voor twee begint er iets van harde wind merkbaar te worden, bij vlagen. Ik zit nog steeds te schrijven aan het verslag over onze “odyssee”. Ik heb honger. We hebben niks, geen brood, geen groente meer. Nou ja, een paar verdroogde pepperoni’s en uien, daar valt nog wel iets van te maken. We zullen van de honger niet omkomen. Ingeborg maakt crackers met brie en een restje soep is er nog. Lekker hoor. De stad (of het dorp) is namelijk tamelijk ver weg: 5 of 8 km de bergen in, daar lopen de meningen over uiteen. Te 15.00 uur is mijn stukje klaar, een zware bevalling; nu moet ik het nog op de website zetten, met foto’s. Ik heb ruim 4000 woorden gekakt, zie ik op mijn “admin page”. Niet normaal meer. Her is wel weer welletjes. De internetverbinding valt gelukkig alleszins mee momenteel. Ik krijg het er heelhuids op. Te half vijf zijn wij terug van het douchen, want dat moest ook nodig. Ik ben met Ingeborg meegegaan “in de dames” want “in de heren” stonk het te erg naar zweetvoeten, zelfs ik ging er van over mijn nek. De havenmeester zelf vond dat ook, want die stond daar ook te douchen met nog een gozer. Ik vroeg: zijn jullie donna’s? Gelukkig begreep ie het niet (geloof ik). Hij moest wel lachen. Deze douches hier krijgen van mij een tien voor: hot en steady! En goed te regelen ook. Zeldzaam. Deuren klemmen wel en je moet niet te hard aan knoppen trekken en die douchegordijnen zijn ook irritant (ze plakken magnetisch aan je kont) maar je wordt riant schoon en je kunt ongestoord onderbroeken stampen. Hoe het na het hoogseizoen eruit ziet weten wij natuurlijk niet. Italië is voor de “gewone man” sowieso “off limits” in het hoogseizoen. T.o.d.b. kijk ik naar de motor, hoe ie er uitziet en zo. Ik zie er niks aan. Ik peil ook de olie. Daar zal wel een liter bij moeten vrees ik. Ik trek de stok eruit en “wat zien ik?!?!” Niks, noppes, nada, ziltch, heeft ie verbruikt, al die meer dan dertig uren stampen (incl. het traject Mazara – Trapani) zonder een druppeltje olie te verbranden, alles nog even helder en schoon als, als…… Hoe is het in Dogsnaam mogelijk!? En meteen begint het te dagen bij me: een dieselmotor moet blijven draaien. Je moet hem niet aan, uit, aan, uit doen en stil staan is helemaal uit den boze! Hoe langer ie draait, hoe meer ie het naar zijn zin heeft en efficiënter gaat lopen! Ik ben helemaal in mijn nopjes. Hoe meer motoruren hoe beter (dus). Ik heb het in het stuk over 25 en 26 april al gemeld: hij loopt nu super regelmatig en ook de stopknop doet het beter dan ooit. Ik maak hem wel een beetje schoon, dat vindt ie vast fijn. Ondertussen blaast het steeds harder. De Sardijnse stront waait van de dijken, hop zo bij ons de kuip in, wat dat betreft liggen we natuurlijk verkeerd om. Verder is het wel gezellig aan boord, hoor; Ingeborg puzzelt en ik kijk wat op internet, niks heftigs vanwege het MB-verbruik. We drinken een glas wijn en eten een pinda (of twee). We eten saves weer, net als gisteravond. We komen niet meer buiten, behalve dan om de was binnen te halen. Ik lees mijn verhaaltje van de overtocht nog eens kritisch. Ik ben er niet blij mee. Een onoverzichtelijk zooitje, veel taalfouten en stijlfouten. Bah. Dat moet anders. Morgen zal ik het stuk reorganiseren. Ik heb de pest in. Voor we naar bed gaan staan de laatste 3 afleveringen van “The Big Bang” op het programma. Als we zitten te kijken horen we dat er  regelmatig wordt geschoten. Vooral om een uur of tien s’avonds horen we serieus kanonvuur en langdurig ratelend machinegeweervuur! Dat heb ik nog niet meegemaakt. Zou er revolutie zijn op Sardinië? Hebben wij weer. Af en toe stoppen we de film om naar buiten te kijken of we flitsen zien. Niks. Na de laatste aflevering van TBB ga ik een tijdje werken aan 25 en 26 april. Het laat me niet los. Ik verander de layout en zet een heleboel fouten recht. Morgen vervang ik het spul op de weblog. Buiten waait het nog steeds hard, Ingeborg ligt reeds in bed en ik ga zo ook.

Dit bericht werd geplaatst in Logboek. Bookmark de permalink .

Een reactie op Maandag, 27 april 2015

  1. Miriam van Eijken zegt:

    Nu nog de selfie” look” ontdekken 🙂

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s