Vrijdag, 29 mei 2015

Rade de Villefranche – “Nice Plaisance” (Bassin Lympia)

Dag Datum Wind Weer
Vrijdag 29 mei 2015 ZO 2 Bf Wolken maar ook zon
Vertrek Aankomst Logstand Motoruren
11.00 uur 12.30 uur 10.292 (trip 1,68/track 3) 4608 uren en 30 minuten

Half zeven. Zwaar bewolkt en alle lichtjes op de kant zijn uit. Bah. Luik open, schutbordjes eruit, in het gangboord zetten. Fris buiten maar gelukkig is het weer licht geworden. “Wat zien ik?” Ik zie een cruiseschip de baai binnenvaren en vastmaken op de rooie meerboei die midden in de baai dobbert, een reusachtig ding, die boei. Ik kijk naar het afmeerproces, maar dat duurt me te lang. Ik ga schrijven.

Een joekel

Een joekel

Acht uur. Klaar met het schrijven van het verhaaltje dat 28 mei moet dekken. De zon schijnt inmiddels. Het is rustig in de baai, de bootjes liggen een beetje te draaien, alle kanten op. Weinig tot geen wind, precies zoals het hier hoort te zijn.

Vijf over half tien. Zal ik je eens wat vertellen? Er komt nog een cruiseschip de baai in. Met ongelooflijke traagheid gebeurt dat: ik sta met de kijker voor mijn ogen te wachten tot het anker in het water plonst. Dat duurt eeuwen, ik krijg er RSI van (=repetitive strain injury, wat ik vroeger op mijn werk altijd kreeg als ik geen zin meer had om op de computer te werken, je hoort er tegenwoordig nooit meer over, was een modieuze ziekte denk ik). Eindelijk gaat ie: met een zucht van verlichting laat ik de kijker zakken (het is een zware, die kijker). Dat we dat allemaal mogen meemaken!

Nog eentje!

Nog eentje!

Kwart voor tien. Af en toe schuift toch een wolk voor de zon. Geen gezicht die twee cruiseboten, in zo’n klein baaitje; het kennet. Er wordt veel geroeid in de baai, ik zie wel een stuk of 9 van die lieden op zo’n luciferhoutje met roeiriemen zitten. Het is zeker skiff-dag vandaag. Dit gaat nergens over, daar ben ik het zelf over eens. Ingeborg is blij met de fraaie notenhouten snijplankjes die we aan boord hebben. Ze zegt: die krijgen ze niet! Die gaan mee naar de Kuster! Als dat geen gretig verlangen naar een motorboot is, weet ik niet wat het dan wel is.

Kwart voor elf. Nou, we gaan de baai zometeen verlaten denk ik, maar ik ga eerst het motortje op het hek hijsen en het bootje op dek leggen, dan hebben we daar bij het invaren van de haven in Nice geen last van. Dat is even werk want het paardendekentje moet er weer af, de doft eruit, de riemen eraf en de ketting los. Goed, we gaan aan het werk, werd tijd dat we wat gingen doen, na al dat lezen en gezellig praten over de toekomst (want we hebben nog een toekomst, vinden we zelf), nu moeten we de nabije toekomst doen: we gaan naar Nice, nu, naar een plek aan een steiger omdat we internet moeten hebben en nog wat dingetjes.

11.00 uur. Dat viel mee. Alles is klaar. We kunnen. Motor starten. Anker hieuwen. Dat komt moeiteloos uit het losse zand. Wegvaren. Marifoon aan. Hoe heten ze ook alweer in Nice? Even opzoeken: kanaal 9, “Nice Plaisance” (en dat drie keer). Mooi, hebben we.

Tien voor half twaalf. We hebben de cruiseschepen ingehaald. Dat was hard werken. Er staat helemaal geen wind meer. Ik dacht, hee, vlaagjes wind, we gaan lekker even zeilen, alleen op de kluivert. Tergend langzaam kruipen we voorbij de mastodonten.

Gelukkig ligt ie stil

Gelukkig ligt ie stil

We zijn op weg naar Nice, weet je! That’s nice (ik kan het niet laten). We gaan echter 0,0 knoop door het water en 0,9 over de grond; op die manier doen we twee dagen over die twee mijl. Dat halen we nooit voor donker. Maar we genieten ondertussen wel van het koekeloeren naar de kant met zijn fraaie begroeiing en bouwsels.

Mooie woningen

Mooie woningen

Mooie kust

Mooie kust

Een zeiler op een kolibrietje steekt de duim naar ons op (neen, ik weet zeker dat het zijn middelvinger niet was, ik ben niet gek!) als compliment voor ons fraaie schip. Om de hoek van de baai ligt een alu bak met duikers erop. Ook zij kijken bewonderend om naar onze alu bak. Ik begrijp het niet hoor, het is maar een gewone Koopmans.

Beetje dobberen

Beetje dobberen

Duikjongens

Duikjongens

Tien over twaalf. We zijn al een minuut of twintig aan het cirkelen in het Bassin des Amiraux (het “bassin van de admiralen”, hoe verzin je het). Deze keer, voor het eerst in zeer lange tijd heb ik in Oxford Engels (laat ik het goed doen, dacht ik) mijzelve via de marifoon gemeld bij de havenjongens. Of ik een minuutje had, krijg ik in redelijk Engels terug. Ja hoor, ik ben met pensioen. Maar twintig vind ik wel wat veel. Ik roep ze weer op. Alsof ze me voor het eerst horen, zo verwonderd zijn ze. Natuurlijk, sir, box 26 is voor u. Mooi. Ik stop met het uitvoerig fotograferen van de “Athena” die aan de kade in het bassin van de Admiralen ligt (wat fonkelt en glimt dat schip, zeg!) en wend de steven het Bassin Lympia in.

Athena again

Athena again

Idem

Idem

Ik zie een paar lege plaatsen, maar geen nummer 26. Ook geen toesnellende assistentie op de steigers of in een RIB, hetgeen wij wel in alle andere landen tot nog toe mochten ondervinden. We hebben schreeuwcontact met een aantal Fransen op boten en steigers, maar komen er niet uit. Ik zie een lege box met nummer 28 op steiger F. Ik meld dat op de marifoon, waarop ik na enig wachten excuses krijg en de mededeling dat dat em moet wezen! Djiez! Hoe moet dat nou als het hier echt druk wordt, in juli?! Begrijpen jullie nou, waarom ik me NOOIT over de marifoon meld?! Gewoon ergens gaan liggen en daarna een definitieve plek toegewezen krijgen, zo doe je dat. De vriendelijke Fransen op de steiger helpen ons met aanleggen, het is krap maar het kennet. Het is hier fantasties! We kijken eens rond en genieten van het buzzbuzz van deze havenkom in deze stad en het verkeer op de kades en boulevards eromheen. Ik moet zeggen dat het geheel van havenbekkens niet erg groot is voor een stad als deze. Des te beter; knus is beter.

Daar liggen wij

Daar liggen wij

Een hele reis

Een hele reis

Onze steiger

Onze steiger

Nice

Nice

Nice 2

Nice 2

Onze box

Onze box

Stukje boulevard

Stukje boulevard

De overkant

De overkant

Overzicht

Overzicht

Half twee. Op naar het havenkantoor. Een aardige jongedame helpt ons. De havenmeester die wij spraken over de marifoon komt er ook bij. Aardige jongen wel. Hij biedt nogmaals zijn excuses aan voor de verwarring. Wij zijn een en al begrip, as usual. De schade bedraagt 41 euro en 23 cent. Het is nog mei en daarmee ben ik blij. Ze hebben een plattegrond van de stad voor ons en wijzen een winkelcentrum aan, waar de Carrefour kennelijk de grootste huurder is. Daar zijn ook winkels zoals Orange, voor een internetje. Wij weer blij. Terug naar de boot, even piesen (vergeten te vragen waar de toiletten zijn) en de boodschappentas op wielen halen. We gaan vrolijk op weg. Halverwege ontdekt Ingeborg dat ik mijn rugzak met de computer niet op mijn rug heb. Onder dekking van een aantal krachttermen (van Ingeborg, die moedeloos op een bankje in de schaduw gaat zitten) keer ik schielijk terug om het ding van de boot te halen. Alsof er niets gebeurd is wandelen we aan de hand van de plattegrond door de drukke maar gezellige straten van Nice naar het winkelcentrum. Dat is een doolhof met moderne, glimmende winkels en een krankzinnige Carrefour die het centrum van alles is, wat een tent, ongeveer drie keer zo groot als de Miro in Purmerend!

Mooie gevel

Mooie gevel

De straten van Nice 1

De straten van Nice 1

Idem 2

Idem 2

Idem 3

Idem 3

Carrefour

Carrefour

Luxe alom

Luxe alom

Plattegrond bestuderen

Plattegrond bestuderen

Glimmers

Glimmers

Wij eerst naar Orange. Geduldig wachten, kijken, opgetogen dat we straks weer internet hebben, opgewekt fotootje maken.

Hier lachten wij  nog

Hier lachten wij nog

Dan worden we geholpen. Meneer, zegt de knul, een dongel kost 55 euro, een simkaart en opstartkosten 15 euro en voor 2 Gieg per maand betaalt u 20 euro, voor 2 maanden dus 40. Ingeborg kan rekenen en houdt mij voor dat dat bij elkaar 110 euro wordt voor 2 maanden internet, als je tenminste in die tijd met 4 gieg toe kan! Christ on a stick! Dat kannie waar wezen en dit straal ik uit naar de verkoper die daar uiteraard geen boodschap aan heeft. Steek jij je stikkie maar in een stekkie waar het hartstikke donker is! Kwaad lopen we de winkel uit. Verderop is er nog een providershop: Bouyigue of zoiets. Die maken het nog bonter: een “domino” (zo heet een dongel in Frankrijk) kost 45 euro en dan krijg je voor 1 dag een tegoed erbij, dat je de volgende dag moet opwaarderen en dat kan alleen met een Franse bankkaart, m.a.w. je moet een Franse bankrekening openen! Jongens, dit kan Frankrijk toch niet wezen?! Het lijkt wel of ik in Zimbabwe of Gambia verzeild ben geraakt! De knul kijkt ongelukkig maar zegt dat ie er ook niks aan kan doen. En is hier dan ergens een Vodaphone shop in de stad (ja, een hopeloos mens maakt rare bokkesprongen)? Nee, in geheel Nice is er geen Vodaphone winkel!!!! En andere “merken” kent ie niet. Ik moet intussen ontzettend dringend naar de w.c., wist niet dat dit soort geestelijke martelingen op de blaas sloegen. We maken dat we wegkomen naar de Carrefour voor de boodschappen, die we zowaar zouden vergeten. Als we al niet platgeslagen waren door het voorgaande, zorgt C. wel voor de knock out: wat een ballentent, je sjouwt je suf in de eindeloze straten met superdure spullen. Je kan er alles krijgen, behalve auto’s en betaalbaar voedsel. Zouden gewone, hardwerkende mensen hier ook boodschappen (moeten) doen? Ik benijd hen niet. Wij zijn geen hardwerkende mensen, wel gewoon, dus onze tas op wielen raakt zo stampvol dat we een boodschappentas erbij moeten aanschaffen. Terwijl Ingeborg met de zwaar aanlopende kar bleef zoeken naar artikelen moest ik toch echt naar het toilet. Tot twee keer toe probeerde ik de winkel uit te vluchten langs kassa’s maar evenzovele keren werd ik door een bewaker (daar barstte het van!) tegengehouden en naar de enige uitgang helemaal aan het begin verwezen. Het was net alsof een blinde in de RAI tijdens de Droge Hiswa het toilet zocht en alleen maar tegenwerking ondervond. In een juwelenwinkel moest ik nog een keer vragen waar de plee was, want ik was verdwaald! Eenmaal teruggekeerd (ik) in de winkel geraken wij eindelijk bij de kassa’s (een stuk of vijftig), waar een lange brave rij met klanten staat die stuk voor stuk een kassa krijgen toegewezen door een dame die dat de hele dag daar staat te doen! Gekkenhuis. Zoals gezegd stampen we de boodschappentassen vol en begeven ons naar de uitgang van het complex. Pfff. Ontsnapt! De kar ligt zwaar op de hand en zwetend bereiken we te 16.30 uur na een forse wandeling de haven en de boot. De spullen zijn zo weggeborgen en wij zijn toe aan een welverdiende versnapering. Zittend op de kuiprand proberen we onze happy faces weer op te zetten. Na de borrel ga ik naar het havenkantoor om de wifi codes te halen, want ze hebben hier gratis wifi. Die blijken uiteraard niet te werken. Ik ga nog een keer terug. Er zit een andere dame die doodleuk zegt: ja hoor, weet ik, hij doet het niet, morgen weer. Het zit ons niet mee op IT-gebied, vandaag, zachtjes uitgedrukt. Als ik op de boot terug ben bellen we met Linda om haar op de hoogte te brengen van een en ander.

Half negen. Na den eten gaan we op zoek naar een gelegenheid waar ik mijn stukjes op het web kan zetten en naar e-mail en andere dingen kan kijken. Moeilijk te vinden. We vinden wel een andere grote supermarkt, dichtbij de haven. Ingeborg kijkt naar de prijzen: net zo duur als of duurder dan de Carrefour. Vervolgens vinden we een cybercafé, waar Ingeborg mij vraagt hoe ik denk mijn verhaaltjes op het net te zetten zonder stickie met bestanden erop? Godver. Verder maar weer. Bij Café Corsair aan de haven hebben ze wifi en daar strijken wij tenslotte neer. Ik ga daar een uurtje of anderhalf kopieëren en plakken en met foto’s sjuffelen (want mijn laptop had ik wel bij me). Ik zie ook dat Joop en Meta een heel eind op streek zijn in België en Frankrijk. Zij gaan helemaal niet naar huis, ze gaan door naar Zuid Frankrijk! Dit alles kost een tientje (1 koffie en 1 biertje).

Zie je, dat ik ondanks alles toch vrolijk blijf kijken?

Zie je, dat ik ondanks alles toch vrolijk blijf kijken?

Nou ja, ik heb in ieder geval 4 stukkies erop gezet en zodoende laten weten dat we nog leven. Morgen gaan we weg, zonder dongel, zonder internet. Alles is dus vergeefs geweest. Neen, toch niet. We moesten boodschappen hebben. Of je dat nou hier koopt of in Cannes, dat is om het even en ondertussen vinden we het best een prettige plek om te liggen, zo tussen de andere bootjes in deze steedse “ambiance”, dat “heeft wel wat”, met die opstijgende en dalende vliegtuigen.

T.o.d.b. gaat Ingeborg ……..oh nee: ik mag niet meer zeggen dat Ingeborg iets aan het doen is wat ik niet mag noemen en dat laatste mag ik ook niet meer zeggen, waarvan akte. Ik weet niet meer hoe laat we naar bed gingen.

Dit bericht werd geplaatst in Logboek. Bookmark de permalink .

2 reacties op Vrijdag, 29 mei 2015

  1. Peter en Metty zegt:

    Ik lees dit stuk ie taveerne op Lefkas. Zit hier alleen aan een tafel keihard te lachen. Die ‘nodig moeten maar geen plee kunnen bereiken in de Carrefour’ beschrijving. Mooi hoor. Jullie maken inderdaad wat mee. Koop maar snel een Mifi. Hartelijke groet van P en M.

    Like

  2. Cees zegt:

    Willem, waarom koop je geen Mifi, je weet wel zo’n klein handig WIFI routertje zonder SIM-lock, waarin je alleen een land gebonden SIM kaart plaatst. Handig hoor. Ben je in ieder geval elke keer de dongle kosten kwijt.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s