Woensdag, 8 juli 2015

Bordeaux – The Middle of Nowhere

Woensdag begon zo mooi, je weet wel: een nieuwe dag, het wordt vast mooi weer en we worden met ons mastje herenigd. Niets was minder waar. Het begon al met de mededeling van Orange dat ik moest opwaarderen (snags om één uur kreeg ik die). Dat lukte niet maar sogges kon ik gewoon doorgaan met internetten; ik snap er weer niets van. Dan krijg ik te horen van een meneer op de steiger dat we weg moeten. Dat moest ie van de mevrouw in dat huis tegen ons zeggen. Bij deze. Even later gooien wij los en belanden met een boogje in de gierende vloedstroom aan de overkant. De plotter hebben we niet eens aangezet. Even dubben wij over naar het “bassin à flot”, de docks, terug te varen en daar aan de steiger te gaan liggen, praktisch onder die grote witte hefbrug. We proberen het toch maar aan de steiger onder de Pont d’Aquitaine, de overkant dus. Een mevrouw komt later op de steiger en vindt het geen probleem dat we daar liggen. Mooi. We zijn gedekt tot het moment dat we kiezen om naar Pauillac te varen, dat is namelijk pas te 16.00 uur vanmiddag, zodat we met slack daar aankomen. Er staat dan niet te veel stroom meer in de jachthaven. Wij houden ons onledig met voorbereidingen: het antennepaaltje gaat omhoog, de reddingsjoon heb ik teruggezet, de davits erop, de reddingsboei die we gebruikt hebben als stootwil terugpromoveren en nog zo wat van die dingen. Het getij is geweldig sterk hier omdat we in de buitenbocht liggen, er staat zeker 4 knopen of meer stroom en af toe wordt flink aan de boot gerukt door plotselinge wervelingen. Ingeborg ruimt binnen flink op. Daarna gaan we uitrusten, een beetje dutten in de kuip en in de kajuit. We kunnen niet op de wal want het hek voor de loopbrug zit op slot. Het is een stuk frisser dan gisteren, winderig. We liggen aan een drukke straat, met veel auto’s en boven ons een brug waar ook veel auto’s rijden.

De antennemast staat weer

De antennemast staat weer

De bimini hoefde alleen maar omlaag

De bimini hoefde alleen maar omlaag

We liggen hier goed

We liggen hier goed

Hier ook

Hier ook

Het getij is inmiddels gekeerd. Te 16.00 uur gooien we los, zonder problemen worden we meegevoerd met de ebstroom, onder de brug door in de richting van de meer industriële gebieden van Bordeaux. Met 1200 toeren loopt de boot nog 12 tot 14 kilometer over de grond, het gaat eigenlijk te hard; we moeten niet te vroeg in Pauillac aankomen want de haveningang ligt op het zuiden en dat is met eb niet lekker. Nou ja, we zien wel. Het gaat lekker. De industriële activiteit hier staat op een laag pitje, er gebeurt niet veel. Af en toe zien we iemand lopen of een kraan op rails rijden.

Dag, Bordeaux

Dag, Bordeaux

De Pont d'Aquitaine

De Pont d’Aquitaine

Industrie van Bordeaux

Industrie van Bordeaux

De brug verdwijnt in de verte

De brug verdwijnt in de verte

We gaan lekker (nog wel)

We gaan lekker (nog wel)

Halverwege de industriekades begint het harder te waaien: wind tegen stroom. Er ontstaan behoorlijke golven en de boot slingert als een gek. Ingeborg draait de kiel omlaag, dat scheelt een stuk. Het duurt niet lang of we zijn voorbij het laatste grote schip dat afgemeerd ligt en dan verandert het landschap. We houden exact de lijn aan die de plotter aangeeft, de as van de rivier. Het gaat hard. De motor staat zo zacht dat we hem haast niet horen. Hij maakt genoeg toeren om bij te sturen.

En dan….., dan gebeurt het, het ondenkbare, dat waar je in je achterhoofd altijd aan denkt en een beetje rekening mee houdt en boven alles: waar je als de dood voor bent! Bij boei 63a horen we een klap en met luidruchtige schokken slaat de motor af, midden in de vaargeul, op korte afstand van een terminal waar een tanker afgemeerd ligt.

Bij boei 63a gebeurde het

Bij boei 63a gebeurde het

Ik had de avond tevoren nog tegen Cees gezegd dat ik een diepe verering had voor onze Perkins, dat ie zo lang zo probleemloos draaide! Nu niet meer dus, had ik niet moeten zeggen. We komen dwars op de stroom te liggen en dobberen willoos met de eb mee, alhoewel we door de wind en andere invloeden misschien, zoals wervelingen, redelijk op onze plaats blijven. We schrikken ons wezenloos, wat nu? Eerst ga ik binnen kijken, naar de motor, terwijl Ingeborg bij het roer blijft. Het is meteen een puinhoop van luiken, planken, schotten. Ik zie natuurlijk niks, vraag Ingeborg de motor te starten. Dat lukt, maar hij slaat vrijwel direct weer af. Ik sta te trillen op mijn benen. Ik doe de boel weer dicht en pak de marifoon. Ik schakel naar kanaal 16 en doe de Pan Pan procedure. Geen hond reageert, totaal niets. Ik pak de telefoon en bel 112. Dan begint de ellende van het taalprobleem. Ik krijg een man aan de lijn die geen Engels spreekt, ik probeer het ook in het Frans, moeilijk, moeilijk. Er komt een dame bij die vertaalt een beetje in het Engels met een zodanige uitspraak dat ik maar weer overschakel op Frans. Na een tijdje hebben ze door waar ik me bevindt en uiteindelijk waarschuwen ze de hulpdiensten! Ondertussen was het hoognodig dat we voor anker gingen want we dreven gevaarlijk snel in de richting van de achtersteven van de tanker. Ik maak met trillende handen en vloekend het Fortress anker vast aan de ankerlijn met een daarvoor niet geschikte karabijnhaak en pleur het ding overboord. Meteen grijpt ie in de bagger en Ingeborg moet naar voren komen rennen om gezamenlijk de ankerlijn te houden en te beleggen. Een bijna ondoenlijke zaak: het is verschrikkelijk zo’n kracht als die stroom op de lijn zet, maar het lukt. Het anker houdt goddank. We liggen stil met de kont naar het uiteinde van de afmeerplaats van de tanker. Daar verschijnt een vent met een hesje, een helm en een marifoon. Hij gebaart dat we kanaal twaalf moeten kiezen. Hij vraagt wat wij daar denken te doen!? In mijn razernij brul ik door de marifoon terug: “WE ARE HAVING FUN, CAN’T YOU SEE THAT! We mogen daar niet liggen, want we liggen te dicht bij de tanker, die toevallig ook nog een ammoniaktanker is. Tering! Ik kan me nog net inhouden om mezelf als een fosforbom op de man te storten (door de marifoon dan). Hij blijft staan kijken tot hulp opdaagt en vraagt naar de naam van het schip, de man heeft duidelijk een bril nodig. Ook aan de wal staat een brandweerman bij zijn dienstautootje te kijken. Wat zou die gaan doen, denk ik nog, zou ie naar ons toe komen zwemmen? We houden angstvallig de wal, de pier en de achterkant van de tanker in het oog.

De tanker komt angstig dichtbij

De tanker komt akelig dichtbij, rechts een stuk van de pier waar die kerel stond

De stroom en de wind gaan behoorlijk tekeer maar het Fortress-anker houdt

De gele stroom en de wind gaan behoorlijk tekeer maar het Fortress-anker houdt

Het getij rukt onverminderd aan de boot, de ankerlijn staat snaarstrak gespannen. Voor de zekerheid leg ik ook het grote anker klaar, dat ik niet in eerste instantie heb gebruikt omdat ik er niet zeker van kan zijn dat ik dat weer aan boord krijg. We staan een half uur gespannen door de kijker te turen of er iets aankomt. En ja hoor, terwijl ik richting Bordeaux komt verschijnt ineens een klein bootje met een 60 pk buitenboordmoter vanuit het noorden met een man en een jongen erin. Ze zijn gekleed als brandweermannen, ook in Frankrijk overwegend vrijwilligers, met dikke reddingvesten om. Oh, my God! Waar is de “Sauvetage”!? Ze doen enorm hun best, dat moet gezegd. Na veel vijven en zessen beleg ik een lange dikke lijn op het voordek en de jongen belegt hem op hun boot. Dan ga ik het anker binnenhalen met behulp van de verhaalkop. Dat gaat enorm zwaar. Ja, dank je de koekkoek: de brandweerjongens, “Sapeurs et Pompiers” heten ze in Frankrijk, varen 180 graden de verkeerde kant op. Jongens! Graag díe kant op! Aan dek wordt het een aardige kleibende, maar we zijn gered! Vanaf kwart voor zes worden we met 16 kilometer door het water, maar met 8 over de grond!, richting Bordeaux gesleurd.

Ze deden verschrikkelijk hun best

Ze deden verschrikkelijk hun best

Twee collega's ter assistentie erbij

Twee collega’s ter assistentie erbij

Even een beetje heen en weer rossen over de bodem en dan voor anker

Even een beetje heen en weer rossen over de bodem en dan voor anker

Ze hebben gezegd dat ze ons aan een boei willen leggen bij een dorpje, verder mogen zij niet gaan, dat is niet hun gebied. Ze kunnen verder ook niets anders voor ons doen dan ons af zetten op de wal zodat we daar “ons ding kunnen doen”. We keken mekaar eens aan: we zijn nog lang niet uit de problemen, zoveel is duidelijk. Ik had half en half gehoopt dat er meteen een monteur mee zou komen, of zo. Kijk, hopen kan altijd maar erop rekenen moest ik maar niet doen. Er komt nog een boot van de “Sapeurs en Pompiers” bij, ook met twee man erin. Zij gaan vast vooruit naar het dorpje om de boel te verkennen. We houden intussen de plotter in de gaten en zien dat de koers die onze slepers volgen ons regelrecht de ondiepten op leidt; we zitten ver buiten de rode boeienlijn. En ja hoor, we zien en voelen het al: schurende geluiden. Wij schreeuwen en sturen richting de boeienlijn. Ze volgen onze aanwijzingen schoorvoetend op. Het zijn geen varenslui, dat is duidelijk. Na nog een keer zand en kiezels op hemeltergende wijze te hebben gevoeld en gehoord gaat het dorpje niet door en ze brengen ons naar de vaargeul terug en dumpen ons uiteindelijk ten zuiden van de grote, nieuwe betonnen aanlegplaats voor grote schepen op de linkeroever. Ze willen ons pal voor het ding losgooien, ik moet daar het anker laten vallen! Ben je besodemieterd! Ik begin mijn geduld en goede manieren te verliezen. Ik gebaar wild dat ze door moeten varen en buiten de betonning graag! Ze snappen er echt geen flikker van! Die arme jongens, ze doen zo hun best. De emoties gaan bijna met me op de loop. Eindelijk een honderd meter zuidelijker durf ik het anker te laten vallen, het grote deze keer want op het Fortress anker durf ik de nacht niet in te gaan. De andere boot komt nogmaals vragen of we niet aan de kant gezet willen worden. En wat dan, vraag ik? Ja, dat weten wij ook niet, dan gaat u met een taxi hulp halen en misschien een kamer nemen, ergens, is dat wat? Moedeloos schud ik het hoofd: geen clou, ze hebben echt geen clou. Maar dat komt ook omdat dit hun werk niet is. Zeggen ze zelf: wij brengen mensen in veiligheid en dat is per definitie op de wal. Zij vinden dat wat wij willen per definitie niet veilig is. Nou jongens, ik laat echt m’n boot niet onbemand in deze gele rivier met langs scheurende boomstammen liggen, no way. We gaan het wel per telefoon oplossen (hopelijk). We nemen ondanks alles hartelijk afscheid en bedanken hen voor hun geweldige hulp. Ze doen het toch maar en nog voor niks ook! Het lijkt misschien niet zo, maar we zijn echt wel dankbaar, het is moeilijk echter om dat nu oprecht te tonen, andere emoties, zoals wanhoop, zijn sterker. Daar gaan ze weer, naar het noorden, ze mogen niet in het gebied van Bordeaux komen, ze zijn eigenlijk al te ver gegaan! Ja, je houdt het niet voor mogelijk! We kunnen de Pont d’Aquitaine zien liggen, een kilometer of acht van ons vandaag. Daar is hulp, daar is een monteur en hier liggen we dan, in de “middle of nowhere”, bij een betonnen staketsel vlak naast de modderige oever van de Garonne, met een motor die het niet doet en het brood is ook op. Het huilen staat ons nader dan het lachen, kan ik je wel vertellen.

Daar zouden we aan land kunnen gaan, niet erg aanlokkelijk

Daar zouden we aan land kunnen gaan, niet erg aanlokkelijk

Deed vandaag somber aan, die modderbanken

Deed vandaag somber aan, die modderbanken

We nemen eerst maar eens een straffe borrel. Het is inmiddels 20.00 uur maar we hebben geen trek in eten koken. Het wordt een plankje met kaas, dadels en salamiworst. We kunnen nu niets meer doen dan wachten, naar bed gaan (slapen is er natuurlijk niet bij) en morgen maar bellen, bellen, bellen. Ik bel zwager Willem want die heeft er verstand van. We bediscussiëren de symptomen en wat de oorzaken kunnen zijn van zo’n klap, een boom waarvan er zovelen van ronddrijven in die gele stinkrivier?,  en ik ga nog eens kijken of ik zelf wat kan doen. Ik bekijk bijvoorbeeld het fijnfilter op de motor maar dat is brandschoon volgens mij, ook de voorfilters zien er uit zoals altijd. Ik laat het maar zo, ga niet zelf liggen pielen, dat wordt een grote rotzooi en ik heb de middelen ook niet. We zitten met z’n tweetjes in de kuip te kijken naar de rivier in het vallende avondlicht en praten over mogelijke oplossingen. Er kan iemand over land komen en dan haal ik hem met het bootje op, wel moeilijk met die bagger en stenen, misschien langs die verticale trap op die pilaar? Die is bij eb wel 10 meter hoog, niet echt een veilige weg; als je in het water lazert ben je gezien met die stroom en zo’n monteur ziet dat ook niet zitten natuurlijk. We moeten wel morgenochtend alvast het bootje opblazen en het motortje erop hangen. Zal ik de capitainerie in Bordeaux nu nog bellen? Er staat dat ze 24/7 open zijn. Nah, laten we dat maar niet doen, ze kunnen nu toch geen monteurs alarmeren.

En zo redeneren we wat af. Morgen weer een dag. De stroom giert ons om de kop, wat een herrie maakt dat toch! Ik besluit ankerwacht te houden in het begin, kijken hoe alles verloopt in het donker. De jongens van de “Pompeurs et Sapiers” hadden gezegd dat het druk zou worden in de vaargeul vannacht, daarom hebben ze ons daarin neergelegd natuurlijk, dan valt er wat te zien.

Dit bericht werd geplaatst in Logboek. Bookmark de permalink .

15 reacties op Woensdag, 8 juli 2015

  1. Nico zegt:

    Als eerst je wierpot vol is geweest omt daarna de warmtewisselaar aan de beurt.
    Die zit vol en moet schoon gemaakt worden. Kan je niet zelf, daarna de leidingen controleren.
    Sterkte…

    Gr Nico

    Liked by 1 persoon

  2. Pot jan Dorie, zo kan het wel weer. Maar gelukkig zijn jullie weer op pad. Voor ons een lering, nooit een route zonder mast. Sterkte en groetjes, Cees en Marijke

    Liked by 1 persoon

  3. Cees zegt:

    Zo, een slechter scenario kan je niet bedenken: stromende rivier, geen zeil, chemische lading, bloedheet en bijna op bestemming. T’is wel een echte ckiffhanger dat verhaal.

    Liked by 1 persoon

    • wingiv zegt:

      Tis ook niet echt gebeurd, Cees! Ik dacht laat ik eens fictie schrijven! Geintje. Pfff. Gelukkig doet de motor het weer, uurtje geleden gestart en hij loopt nog. We gaan het zien!

      Groetjes,
      Willem en Ingeborg

      Like

  4. Hanny zegt:

    Cross my vingers dat jullie snel en veilig op een goede plek kunnen afmeren/ankeren. Sterkte Hanny

    Liked by 1 persoon

    • Joep en Ina zegt:

      Willem, wij varen weer (wel €300 lichter maar perfect geholpen), ik zou toch eens kijken naar de opvoerpomp.

      Groetjes, Joep en Ina

      Liked by 1 persoon

      • wingiv zegt:

        Wij ook, waren iets meer kwijt! Hartstikke goed, jongens, Gewoon doorgaan met vakantievieren. Die opvoerpomp heb ik zelf al eens vernieuwd, dus dat zit wel goed.

        Groetjes,Willem en Ingeborg

        Like

    • wingiv zegt:

      Dankjewel Hanny! Het gaat lukken, inmiddels is ie gerepareerd, dat verhaal komt nog.

      Gr.willem en Ingeborg

      Like

  5. Linda zegt:

    Pfoe, wat een avontuur weer zeg. Kan me de beschreven emoties zo goed voorstellen; wat een idioten, maar tegelijktijd fijn dat ze er zijn. Ben benieuwd of de monteur de motor heeft kunnen maken gisteren. Veel sterkte hoor!

    Liked by 1 persoon

    • wingiv zegt:

      Ja, we maken wat mee hier! Net dat ik dit wilde schrijven komt een debiel vóór de stroom achter ons afmeren, ramt ons bijna en vervolgens ramt hij de steiger en ramt ons bijna voor de tweede keer! Pffff. Ik wil hier weg! De monteurs zijn bezig, nog niet klaar, ze komen vanmiddag na de lunch terug, dat wordt dus een uur of 17.00 uur. Tis hier fantastisch!

      Groetjes van een trillende paps en mams!

      Like

  6. Joep en Ina zegt:

    Beste Willem, ook wij hebben problemen met de motor, we liggen al een week in Valery en Caux te wachten op een nieuwe opvoerpomp je wordt er radeloos van als je zo machtloos bent.
    Sterkte en houd de moet erin.

    Groetjes Joep en Ina

    Liked by 1 persoon

    • wingiv zegt:

      Hee Joep en Ina, dat is ook klote voor jullie! We zitten dus letterlijk en figuurlijk in hetzelfde schuitje! Dank je wel en jullie van hetzelfde, hoor! Tot ziens in Edam (kan effe duren).
      Groetjes, Willem en Ingeborg

      Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s