Zaterdag, 25 juli 2015

St. Martin Ile de Ré – Les Sables d’Olonne

Dag Datum Wind Weer
Zaterdag 25 juli 2015 NW, 4 – 5 Bf Zon, hoge zee! Kruisen!
Vertrek Aankomst Logstand Motoruren
11.00 uur 18.45 uur 11.040 (trip 561,5/track 39,34) 4751 uren

Half acht. Net uit bed gestapt. De zon schijnt en het waait nog een beetje na, na de “storm” van vannacht. Ik moet even kijken wat voor weer het wordt, daarvan zal afhangen of we vertrekken of niet.

Kwart over tien. Na een wandeling naar het havengebouwtje aan de overkant en een rondje om de daarnaast staande huizen met een restaurant ertussen (een erg duur restaurant; de huiswijn kost 38 euro) en natuurlijk naar de zee kijken hoe wild die wel niet is, zijn we terug op de boot. De zee was inderdaad niet rustig. De wind is noordwest en de paar boten aan de steiger in de voorhaven lagen te steigeren in de deining. Onze franse buurman is inmiddels vertrokken. Hij gaat ertegenin, naar Les Sables d’Olonnes, 24 mijl verder op het vasteland. Dapper van hem, hoor. Wij twijfelden nog maar besluiten het toch ook maar te wagen. We hebben geen zin om hier nog eens 40 euro te betalen, dat kan in een andere haven ook en misschien doet de wifi daar het dan wel. Morgen komt de wind uit het zuidwesten en dan zouden we mooi van Sables d’Olonnes met een bakstag wind (5 – 7 Bf wordt verwacht!) naar Ile d’Yeu kunnen zeilen. Ik ga het bootje ophijsen en nog wat van die voorbereidingen treffen.

11.00 uur. Motor aan, we gaan. De zon schijnt. Op de achterspring draai ik keurig stuurboord uit met de kont. Dat luistert nauw in deze smalle sloot. Het gaat prima. Langzaam manoeuvreren we tussen de dicht op elkaar liggende schepen en zwaaien naar de havenmeester op de sluis. Dag St. Martin, je bent een aanrader. Ingeborg neemt gauw een paar fotootjes want dat zal vandaag ook niet een grote vlucht nemen, vrees ik. Voor gisteren heb ik ook al niks, helemaal niet meer aan gedacht.

Voorzichtig manoeuvreren

Voorzichtig manoeuvreren

Dag St. Martin

Dag St. Martin

Ik krijg net op tijd alle stootwillen binnenboord en de landvasten weggeborgen voor we de korte, vreemd omhoog stuiterende golven buiten de havenhoofden raken. Ik moet 2000 toeren draaien om enigszins vooruit te komen over de ondiepten, waar ik me overigens niet druk over hoef te maken want het is hoogwater. Ik hijs het grootzeil met 1 reef erin en ben van plan motorzeilend in een rechte streep naar Sables te varen. We kijken allebei benauwd naar die rotgolven waar we tegenin liggen te klappen.

11.30 uur. Het is geen doen. We moeten gaan zeilen helaas. Het voelt niet goed om alles op de motor te doen, al helemaal niet na onze recente ervaring op de Garonne. Ik trek de kluiver slechts voor een fractie uit en zet de kotterfok er helemaal bij. Bah, wat een gedoe! De boot steigert in de golven bij een wind die in de loop van de dag langzaam toeneemt van 10 knopen naar uiteindelijk 20 knopen; niet eens te veel wind, maar door de vervelende zee is het een onaangename ervaring. Dat is natuurlijk ook psygies want we realiseren ons dat we in deze omstandigheden ongeveer anderhalf of, godbetert, twee keer de afstand van 24 mijl naar Sables moeten afleggen met dat zigzaggen. Bourgenay kan ook, dat is 6 mijl dichterbij maar met deze deining moeilijk aan te varen. Nou ja, we moeten er maar aan geloven. We vinden het niet fijn. Recht op kop die wind! Niet te geloven! Weer! We zijn overigens niet de enigen op zee dus het moet te doen zijn, denk ik dan, maar ik denk ook: dat zijn allemaal van die rare fransen die niet beter weten dan tegen die pokkegolven in te stampen; ze zijn het gewend. Misschien is het water aan de overkant bij het vasteland een stuk rustiger, dan kunnen we weer motoren.

Half één. Overstag bij het vasteland, dwars van een watertoren. De golven zijn hier hoger, niks rustig water. We moeten blijven zeilen. Nu zetten we koers naar de vuurtoren op de noordpunt van Ile de Ré. We worden door elkaar gerammeld en geschud. Binnen wordt de puinhoop van losgeslagen rotzooi steeds groter. We laten het maar over ons heenkomen (letterlijk). Kan ik een kop koffie krijgen, Ing? Je kan het lazarus krijgen, is het antwoord. Kijk, zo mag ik het horen. Nog een leuke: op onze leeftijd moet je regelmatig plassen en dat komt nu niet zo goed uit. We moeten acrobatische toeren verrichten op dat vlak, wie A zegt moet ook Plee zeggen. De golven worden nog hoger. We hebben het al gehad over teruggaan, maar dat zou dan La Rochelle worden want St. Martin kunnen we niet meer in; tegen de tijd dat we daar aankomen is de deur dicht wegens zakkend water. Wat een toestand. Nou ja, we houden nog even vol.

De woeste zee

De woeste zee

Idem

Idem

Steigerend paard

Steigerend paard

Het is een surrealistisch interieur

Het is een surrealistisch tafereel

Tien voor twee. Overstag naar het vasteland. Het gaat niet hard en hoog maar we gaan vooruit. Ik moet wel zeggen dat de hoek die we maken ten opzichte van het vorige rak helemaal niet zo gek is; bijna 90 graden!

Helemaal niet onverdienstelijk, die hoeken!

Helemaal niet onverdienstelijk, die hoeken!

Het zal wel door de stroom komen, die overigens nog steeds tegen staat, dat kan dus niet kloppen. Het stampen, rollen en klotsen werkt op mijn blaas; ik moet wéér. Ik probeer te filmen met de witte Nikon, om een beetje een indruk te kunnen geven van ons lijden. Dat is geen sinecure op een steigerend schip. Overigens laat ik de boot zichzelf sturen voor het grootste deel van de tocht, want met deze windkracht en deze zeilen-combinatie gaat dat uitstekend en dan blijkt, zonder nou direct een verkooppraatje te willen houden, nog maar weer eens de bijzondere koersvaste en daardoor zeewaardige kwaliteit van het Koopmans ontwerp.

Kwart voor vier. De marteling duurt voort. Twee incidenten: ik zag opeens dat aan de lijzijde (van de wind af) de verstaging slap stond te zwabberen! Ik was vergeten de spanners te borgen. Onvergeeflijk. Ik was zo gek niet of ik moest wel met gereedschap en de sea-sure clips naar voren om het overboord gaan van de mast te voorkomen. Acht, kleinigheidje, zo gepiept. Ik was wel tot op de draad nat. Het tweede incident was het overboord stoten (ikke) van de lierhandel die ik gebruikte voor de kotterlieren. Mazzel dat ie bleef drijven, daar kan iemand nog plezier van hebben. Een mens maakt wat mee. En ondertussen stuurt de “Wing IV” zichzelf door de nog immer groeiende golven. Onvoorstelbaar wat een enorme golven met dat beetje wind ontstaan hier op de Biskaje. Nu we een aantal uren onderweg zijn begint het zowaar te wennen. Het blijft spannend maar we zien het patroon: oploeven, afvallen, de boot kiest zelf telkens de beste koers ten opzichte van de golven, daar moet ik me niet mee bemoeien. De boot kan echter niet verhinderen dat af en toe een maffe serie golven achter elkaar massief water van voor tot achter over het dek en de gangboorden slaat.

In totaal zes keer maken wij de overstag manoeuvre waarbij de boot als een paard op de golven meters omhoog steigert. Dan is het steeds spannend en een secuur werkje om te zorgen dat je niet met je vingers bekneld wordt tussen de lier en de schoot want als de wind in de voorzeilen komt en de schoot slaat strak op de lier met een vingerkootje ertussen, helpt er geen lieve moeder meer aan. En Ingeborg kan ook al niet optimaal helpen omdat ze nog last heeft van haar linkerhand. De granny bars blijken nu af en toe een sta in de weg te zijn voor de kotterfok schoten en dan moet ik weer naar voren om ze er overheen te trekken, ook niet makkelijk als er spanning op staat en niet ongevaarlijk. Ik denk dat ik vandaag 5 kilo ben afgevallen van alle gymnastiek; ik stond als een jonge god achter het stuurwiel te dansen en te springen van bakboord naar stuurboord om de schoten los te gooien en door te halen. Het is nog vier mijl naar Bourgenay.

Kwart voor zeven. Bourgenay werd het niet. We konden daar best naar binnen, maar in 2003 zijn we daar al eens geweest en we besluiten toch door te varen naar Les Sables d’Olonnes, een nieuwe haven voor ons. Ja, daar sta je van te kijken, hè? “Gewoon doorzwemmen, Jantje, we zijn bijna in Amerika”. We hadden er nu vertrouwen in, het zou stom zijn om Sables niet te pakken; nog maar 6 mijl (hemelsbreed). Nog een slagje naar buiten dus en daarna een kaarsrecht rak recht op de havenmond van Sables af. Een paar mijl voor Sables nam de wind iets af en ging de zee betrekkelijk liggen. Pfff. Rust. Deze haven is bij hoog- en laagwater aan te varen en bij de meeste windrichtingen. Je zou zelfs voor het strand kunnen ankeren, maar vandaag dus niet. De kaden langs het invaart-kanaal leken best gezellig met restaurantjes en zo.

Sables

Sables

Ah, daar is Sables

Ah, daar is Sables

De invaart

De invaart

We meerden af aan het ontvangst ponton en ik meldde me in het havenkantoor. Mooi kantoor. Prima lui, no nonsense, heel efficiënt. €34,= was de schade en ik wist exact waar ik moest gaan liggen, wifi, stroom en water incl. De haven is bijzonder groot en ongezellig, dat wel, maar volkomen beschut. Van de stad kunnen we verder niet veel gewaar worden, daarvoor zou je een dagje moeten blijven; gaat niet gebeuren. We schoven box I 38 in en ik probeerde, na de verplichte rituelen, meteen de wifi. Die deed het! Geweldig! Mijn account is drie dagen geldig ook, zo blijkt!

Kwart over zeven. We gaan eten koken. Ah, daar belt Linda! Ze is bij Marijn en Riet op bezoek geweest en ze was onder de indruk van de nieuwe garage. Ik word steeds nieuwsgieriger. In Nederland stormde het verschrikkelijk: veel ongelukken gebeurd en hele stukken snelweg afgesloten, windsnelheden van meer dan 100 kilometer per uur. Daar steekt ons avontuur(tje) van vandaag maar magertjes bij af. Met Ricky gaat het langzaam iets beter.

Na het eten ga ik wifi’en. Dat moet helaas buiten gebeuren dus ik maak een hele muur van troep (lappen, schermen, kussens, handdoeken) achter me tegen de wind en ik trek vier lagen kleding aan, doe mijn hoed op en trek sokken aan want het is intussen verrekte koud geworden. Regen dreigt. De wind gaat uiteindelijk liggen gelukkig. Waren we maar op de Middellandse Zee gebleven. In supertempo plaats ik drie stukkies achter elkaar op de weblog: 21, 22 en 23 juli. Dan nog wat giro overschrijvingen, de reclame uit de hotmails flikkeren, facebook bekijken, Joop z’n weblog lezen en we zijn weer klaar. Morgenoggend schrijf ik 24 juli wel, dat gaat snel want ik heb er geen foto’s van.

23.00 uur. We gaan naar bed. Windstil. Doodstil in de box, hier in Les Sables d’Olonne (de haven heet overigens: Port Olona) en we liggen prinsheerlijk. De lichten gaan uit. Het was een fijne dag; we hebben eindelijk een keertje fatsoenlijk gezeild.

Daar liggen wij

Daar liggen wij

De track in die contreien dus

De track in die contreien dus

Dit bericht werd geplaatst in Logboek. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s