Zondag, 28 juli 2019

Bremerhaven – Bremen

Dag Datum Wind Weer
Zondag 28 juli 2019 Ja, weer Mooi, begint fris, later warm
Vertrek Aankomst Logstand Motoruren
06.30 uur 11.45 uur 17.425 3491,4

Het is half zeven en we liggen in de sluis, waar we de afgelopen dagen zo vaak overheen gefietst of gelopen hebben. Ik heb mijn ogen nog nauwelijks open. Willem kwam ons om 06.15 uur aanmanen tot vertrek. Ik was net mijn nest uit, rillend, brak en gammel met pijn in mijn nek. Wat heb ik vannacht nou weer uitgevreten. Kreun. Dat is het mooie van een redelijk comfortabele motorboot: je kunt gewoon half ziek binnen een minuut vertrekken als het moet en vanmorgen moest het kennelijk. Je moet wel met z’n tweeën zijn anders gaat het (goed) mis. Losgooien en wegwezen.

Verdikke, gaat de deur achter ons weer open omdat er nog een klein zeilbootje bij moet. Het is altijd wat met die stokkenboten. Gelukkig is dit een zeer gesmeerd lopende sluis. Het loopt allemaal als een Zwitsers uurwerk. In een mum zitten we op het wijde water van de Weser.

Kwart voor zeven. 6,9 knopen over de grond 5,2 door het water. De vloedstroom loopt al goed mee naar binnen, ik vraag me af hoe lang al. Volgens Willem gaan we het in goed 5 uurtjes redden naar Bremen. We zullen zien.

Kwart voor acht. We zijn al flink opgeschoten op de enorm brede rivier de Weser. Het oeverschap laat nog wat te wensen over. Redelijk wat industriële activiteiten ontsieren het. Benieuwd hoe het verderop zal zijn.

Oh nee, ik weet al hoe het verderop zal zijn, want in 2016 kwamen wij hier ook langs, samen met de Laga, maar dan de andere kant op, naar Bremerhaven. Oh ok, dan is het goed, want het wordt fraaier en aangenamer om aan te gluren. Nee, je hoeft op deze website niet te zoeken naar verhalen over die vakantie, want die zijn er niet. Ik was toen nog aan het afkicken van de vijf jaren durende schrijfmarathon over onze tocht naar en van de Middellandse Zee.

Het zal verderop ooit een echte rivier worden, met nabije oevers, maar nu lijkt het meer op een binnenzee, zo breed. Er gebeurt niet zoveel. Het ontbijt (fruit, yoghurt, jeweetwel) zit erin. Ik zit te lezen achter het roer en Ingeborg heerlijk op haar stoeltje in de kuip. Ze wil niet ruilen.

Half negen. Dwars van het plaatsje Brake (“mag ik effe”, o, o, wat flauw) dat aan de stuurboordzijde, rechts dus, van ons schip aan ons voorbijtrekt.

Het ligt dus op de linkeroever van de rivier en we varen naar het zuiden met de stroom mee naar boven. Zo gaat dat als je op een rivier vaart. Voor de leek erg verwarrend, helemaal als je zoals ik de oriëntatie van de kaart op de plotter hebt ingesteld op noord wijzend waarbij de koerslijn dus nu overwegend zuid wijst. Je moet dus 180 graden omgekeerd denken bij het sturen. Ik wil altijd zien en weten waar het noorden is, ook bij het autorijden, anders verdwaal ik. Willem doet dat precies andersom. Hij wil de koerslijn in de richting hebben waar hij de boeg heen stuurt. Wie snapt het nog?

We komen nu in een gedeelte waar de industrie wordt afgewisseld met huizen, best mooie bij, tussen het struweel op de oever. Voornamelijk rechts van ons (aan stuurboord, de linkeroever dus). En ze hebben heel vaak gewoon een zandstrandje voor de deur. Ik zie hier en daar al wat mensen op het strand zitten.

Op een gegeven moment zie ik een hond aan de waterkant scharrelen en ineens gaat ie op zijn achterpoten staan, het is een klein hondje. Verrek, wat is dat nou? Circus? Ik pak de verrekijker. Shit, het is een kind dat rechtop gaat staan. Een mens kan zich maar vergissen. Dit stuk lijkt me een soort goudkust, “ze” wonen hier heel mooi.

Negen uur. Het gaat hard: 7,2 knopen. Toch minder dan daarnet, toen we de 8 knopen aantikten. Ik denk niet dat we het redden tot Bremen met stroom mee straks. Dat gaat niet gebeuren. Willem kan het wel mooi vertellen, maar ik moet het nog zien. Afijn, we genieten van het strand, vooral aan de stuurboordkant, met mensen erop, kinderen en heel veel honden. Hier en daar een boot op een privé-bol.

Nou zeg, da’s nou ook wat, we zitten zomaar dwars van de Sportboot Hafen bij Elsfleth. Je zou hier gewoon het Küstenkanal op kunnen gaan. Hier kwamen we drie jaar geleden uit, toen we naar het noorden voeren en nergens een ligplaats konden krijgen, pas in Bremerhaven, inmiddels onze Duitse thuishaven. Maar nu varen we er voorbij, richting Bremen. We komen op nieuw terrein. Op Lauwersoog en dat stukje Wadden na, waren we overal al eens geweest.

Tien over half tien. Dwars van Farge, zo heet dat hier. Vlak langs het strand varen we. Hier steekt een veerboot over, heen en weer. Eentje ligt klaar om te vertrekken maar wacht keurig tot ik voorbij ben. Als ik achteruit kijk, blijft ie gewoon liggen. Nog niet vol zeker.

Tien uur. Met Ma gebeld. Het duurde even voor ze de telefoon opnam. Als een hijgend hert kwam zij uit de garage draven, waar ze de deur alvast had losgemaakt voor ons dochter Linda die vanochtend op visite zou komen en wat boodschapjes zou meebrengen. Heel gezellig gaat dat worden. Gisteren was schoonzus Joke al geweest en die heeft weer stukken zitten voorlezen van onze website. Kijk, zo blijft Ma een beetje op de hoogte en maakt ze de reis actief mee. Zo werkt het dus ook; de thuisblijvers reizen mee. Linda kan vandaag mooi het laatste nieuws voorlezen. Dan is Ma weer bij en blij.

Vlak voor Bremen zien wij een jacht van een meter of 120 liggen bij de gerenommeerde jachtwerf Lürsen. Over de marifoon zei Willem dat ie van zijn werkloze broer is, moet nog een beetje afgewerkt worden. Ik geloof hem niet anders had ik dat toch al geweten?

Kwart voor elf. We naderen de stad Bremen. Dat is duidelijk te zien. Fabrieken, windmolens, hoog gebouw in de verte, een zeer lang dun naaldachtige toren en we varen onder hoogspanningskabels door. De oevers zijn niet meer zanderig maar stenig, basalt, graniet or whatever. In een kom naast de rivier worden speedboat races gehouden.

We worden ingehaald door een klein houten speedbootje. Mooi scheepje. Het wordt steeds drukker. Heel veel mensen gaan op zondag natuurlijk met dit mooie weer een stukje varen, heen en weer op de Weser. We hebben de stroom nog steeds mee, enkele tienden tot een halve knoop. We zien een hele nette jachthaven, maar te ver van de stad.

Elf uur. Nog vier mijl. Nog een megajacht. Een rare met een papegaaiensnavel. En we passeren een lange muur met kunstzinnige graffiti.

Vijf voor half twaalf. Komen nu in een gebied met appartementen-gebouwen en flats langs de rechteroever van de Weser, bakboord (=links) van ons dus. Dit is allemaal al Bremen. Nog twee mijl tot de jachtensteiger tegen het centrum aan. Het zal er wel vol liggen. Het is prachtig weer en het wordt erg warm. De wind is zoel. Ingeborg is even op het dak gaan zitten van de kajuit (ik zei tegen haar, ga jij effe op het dak zitten) waar ze geniet van het uitzicht, van de mensen en de spelende honden. Gezellig hoor. Sommigen zitten te vissen. Het is zondag. Iedereen doet het rustig aan.

Te 11.45 uur lagen we aan de steiger in het centrum van Bremen. We hadden geluk, er ging net een boot weg. De steiger lag namelijk helemaal vol. Het doet me hier denken aan Bordeaux met al die langs fietsende, wandelende en joggende personen over de mooie boulevard.

Dat heeft Willem fantastisch uitgerekend: precies met stil water kwamen we aan. De stroom stopte bij de steiger als het ware. Ik neem mijn petje voor hem af. Hij moet alleen ophouden met Stil Water steeds Doodtij te noemen. De havenmeester is een actieve. Hij hielp waar hij kon. Hij ging onze boot uitmeten met stappen en zei dat ie 15 meter was inclusief rubberboot. Echt niet; dat komt straks bij het afrekenen. Willem moet tegen een andere boot aan, maar die gaat om half twee weg en dan heeft ie ook een plek aan de steiger. Ik heb vreselijke honger. Ik ga weer bockwursten op brood eten, met mayo (van de Deen), ketchup en ui. Lekker hoor.

Kwart over een. We zijn nog niet van steiger af geweest. Na de bockwurst  eerst betalen bij de havenmeester. De prijs viel mee. Incl. rubberboot ben ik 14 meter en dat kostte 18 euro. De Bremer Marina beschikte nog niet over een pin automaat dus Willem moest voorschieten. Het betrekt een beetje. Wolken boven de stad. Oh ja, Linda belde ons ook nog. Zij vertelde van haar bezoek aan Oma en nu gaf ze de (drie) planten bij ons thuis water. Even gezellig bijkletsen. Er lagen hier een stuk of vijf nederlandse boten die allemaal tegelijk naar het noorden vertrekken, met de stroom mee. Zo wisselt dat zich af. Ik maak foto’s van onze nieuwe woonplaats.

 Half twee zijn we met zijn vieren in de hitte langs de boulevard naar het oude centrum van Bremen gewandeld. Het was hier en daar druk met terraszitters die in de schaduw van de bomen genoten van koude dranken.

DSC_0879

Ik bedoel oud in die zin dat het allemaal na de tweede wereldoorlog opnieuw is opgericht, maar in een aantal gevallen bijna niet van “echt” middeleeuws te onderscheiden. Een prachtige kerk, een mooi raadhuis, een standbeeld, bronzen ruiterbeelden en andere fraaie panden. Zeer de moeite waard om te bezichtigen. Hieronder de foto’s van de wandeling.

Op het grote plein tussen de fraaie panden stond een jongen met een listig soort springtouw vanuit een bak met zeepsop prachtige zeepbellen te blazen. Kinderen vonden het prachtig en joegen achter de bellen aan. Ik maakte veel foto’s ervan. Erg mooi, wat ie deed. Alleen wel jammer dat ie tijdens het bellen blazen het publiek begon uit te schelden, We verstonden er niets van maar hij zal wel gefrustreerd zijn geweest vanwege te lage opbrengsten. Wel kijken, maar niet kopen, zoiets. Geen goeie marketing.

Zoveel mogelijk in de schaduw wandelden wij over de drukbevolkte terrassen langs de boulevard terug naar de boot.

We dronken bij ons een biertje. Gezellig gekletst over van alles. Het is behoorlijk warm. Ik weet niet meer waar we het over hebben gehad. Het zal wel over “de projecten” aan onze boot gegaan zijn en de volgorde waarin die moeten worden uitgevoerd. Door wie weten we al, alleen nog niet wanneer.

Op een gegeven moment kwam er een motorjacht, de “Con Amore” uit Warmond, dat voor Willem ging liggen. Willem hielp hem daarbij. Toen ie terugkwam vertelde hij dat die schipper al onze verhalen heeft gelezen, hij heeft alleen onze motivatie voor de switch van zeilen naar motorbootvaren gemist. We hebben hem gewezen waar hij dat ongeveer kon vinden, alhoewel ik me eigenlijk niet kan herinneren dat ik met betrekking tot deze keuze ergens een afgewogen motivatie heb neergepend. Volgens mij moet die groeiende motivatie tussen de regels door lezend in de verhalen sinds ongeveer 2013 er wel uit te halen zijn. Altijd leuk om een “volger” tegen te komen.

Half negen. Na de borrel niks meer gedaan. Ja, curry gegeten met ei dit keer. Buiten gegeten voor het eerst.

Warm. Het dreigt te gaan regenen, beetje onweer in de lucht. Er vallen zelfs druppeltjes. Ik heb al die tijd zitten lezen. Moet weer eens wat gaan doen.

Kwart over twaalf. Het wordt tijd dat ik naar mijn bed ga. Jeetje, de hele avond, vanaf half negen, zitten werken. Tistochniettegeloven. Het is een moeizaam proces, hoor, dat schrijven. Ik ga nu maar naar bed. Ingeborg heeft het licht al uitgedaan. Ik moet alles op de tast doen. Het was een fijne dag. 

Dit bericht werd geplaatst in Logboek. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s