Maandag 5 en dinsdag 6 augustus 2019

Minden – Bad Essen – Osnabrück

Dag Datum Wind Weer
Maandag en dinsdag 5 en 6 augustus 2019 Weinig wind, dinsdag iets meer Bewolkt geen zon, later wel warm, gold voor beide dagen, dinsdagochtend wat regen
Vertrek Aankomst Logstand Motoruren
Maandag: 08.30 uur,

dinsdag: 07.45 uur

Maandag: 13.15 uur, dinsdag: 11.45 uur Maandag: 17.536

Dinsdag: 17.557

Maandag: 3514,4

Dinsdag: 3518,3

De oplettende lezer zal zich afvragen: wat is hier aan de hand? De schrijver zal het vertellen: hij heeft, notoir digibeet zijnde, met zijn klotekop alle in de digitale voice-recorder ingesproken waarnemingen en opmerkingen van twee dagen gewist en hij weet nu, 6 augustus 2019, 21.00 uur, nog niet hoe ie dat heeft geflikt. Ineens was alles verdwenen. Het krachtig in doffe razernij aanroepen en/of vervloeken van alle godheden en heiligen uit de geschiedenis der mensheid mocht helaas niet baten: de data waren weg en bleven weg. De schrijver gaat weer over op de eerste persoonsvorm.

Ik heb voorzichtig wat proefopnamen gemaakt, een stuk of twee met onnozele info over vandaag, 6 augustus om te kijken of het bleef staan op het ding. Dat lijkt het geval te zijn. Morgen ga ik dus met frisse moed verder met het optekenen van allerlei wederwaardigheden, voorvallen, onzinnige invallen enzovoort over de reis. Maar voor nu moet ik even volstaan met een zeer gemankeerd relaas aan de hand van een selectie van fotootjes, die het meest representatief zijn voor deze twee dagen. Godverdomme, ik kan mezelf nog steeds voor mijn bakkes slaan! Nou, daar gaan we dan.

Ik geloof dat we maandag ook zijn opgestaan en vertrokken uit Minden. Dat moet rond half negen zijn geweest. Voor die tijd hebben Ingeborg en ik  de benen gestrekt, even bewegen, over de brug de huppeldepup Strasse op en neer gedurende 40 minuten. Ik had me voorgenomen te proberen de drukte op het Mittellandkanaal in beeld te brengen. Daartoe heb ik veel foto’s gemaakt van tegemoetkomende schepen. Saai maar het vult wel. Daar komen ze:

Deze schepen kwamen ons binnen een tijdsbestek van een uur tegemoet. Natuurlijk heb ik ook getracht de oevers in beeld te brengen, maar dat is soms niet makkelijk met al die bomen die steeds in de weg staan, alhoewel die op zich ook niet te versmaden zijn, maar het zijn er wel veel. Gelukkig kwamen ook fraaie open stukken voorbij met beesten en huizen erin en zo. Ik weet bij god niet meer wat voor snedige opmerkingen ik hierover allemaal gemaakt heb op dat listige apparaatje. Allemaal verdwenen, in the cloud als het ware. De Laga staat soms ook op een foto.

Ik weet nog wel toen ik de foto van de stootwillen in het gangboord maakte, dat ik dacht dat dit misschien wel eens een kunstzinnige foto zou kunnen zijn. What-a-mistake-a-to-make-a.

En wat dacht je van de Tokkie-boot. Zo noem ik hem maar, niet erg netjes van me, maar die associatie kwam bij me op. Hij passeerde ons van achteren met een flinke vaart en vond het niet nodig om mijn handgroet te beantwoorden. Kijk, dan noem ik je niet een toffie  maar een Tokkie.

Wat mij ook weer opviel waren de enorme lange kades waar de beroepsvaart kon aanleggen voor de lunch of het diner, or whatever en de, soms niet eens altijd aanwezige, stukjes kade van 25 meter die voor de pleziervaart gereserveerd zijn. Hoogst irritant dat.

En Ingeborg bleef maar koffie zetten onderweg. Lekker hoor, met zo’n lekkere dubbele koek met smeersel ertussen van de Lidl. We hadden deze eerste dag op het MLK (=Mittellandkanaal) de mast naar beneden. Mij bekroop het gevoel dat dat niet nodig was. Maar ik had nog niet aan Willem gevraagd hoe hoog de bruggen waren hier en op mijn plotter werd dat niet aangegeven, dus liet ik het maandag maar zo.

We arriveerden precies te 13.15 uur in Bad Essen (dat heb ik in mijn papieren logboekje geschreven, dus daarom weet ik dat, zie je). We gingen liggen op dezelfde plek waar we in 2016 gelegen hebben. Op dat moment waren we de enigen. We gingen zo dicht mogelijk achter elkaar liggen, zodat achter ons nog een plek overbleef. De “grote vaart” bleef onverdroten doorgaan. Soms kwamen de kolossen vlak langs ons en kregen de landvasten het flink te verduren. Soms passeerden ze elkaar precies waar wij lagen. Niet schelden Willem. 

De hele middag hadden we vóór ons. Joke en Willem gingen fietsen en Ingeborg en ik brachten die voor een deel door met lezen op onze patio en met het maken van een wandeling in de hitte naar het dorp. We willen zoveel mogelijk beweging nemen als tegenwicht tegen de dagelijkse inname van al die lichaamsvijandige stoffen, die zo verdomde lekker zijn. Het dorp is niet al te ver, maar met deze warmte moest Ingeborg toch af en toe wel even pas op de plaats maken. Ik wilde eigenlijk flink zweten, maar dat kwam er dus niet van. Ik kreeg wel warme voeten. Leuk stadje of dorpje, weet ik veel, is Bad Essen. Het centrum heeft wel wat. Veel vakwerkhuizen, leuke pleintjes, een schilderachtige kerk met klokken voor de deur (volgens mij niet de goede plek).

Mooie Toque heeft die man, zei Ingeborg. Een idee wat ze bedoelt.

We liepen er wat rond en namen op een terrasje aan het plein bij de kerk een drankje en “watched the world go by”. Wij houden daarvan. Gewoon lekker zitten en genieten van een drankje en een beetje ouwehoeren, zoals al die andere ouwehoeren doen.

In een gezelschap van drie zat er me toch eentje achter ons! Die kon d’r tetter geen seconde dichthouden, ze praatte wel zacht maar het stopte niet. De anderen kwamen er niet aan te pas. Zelfs Ingeborg viel het op en die is zeer tolerant en merkt zulks niet zo. Ze (de tetter) rookte ook nog en dat deed er geen goed aan natuurlijk. Helaas kon ik haar niet verstaan want ze sprak buitenlands. Na een half uurtje rekenden we tegen een alleszins redelijk tarief af. Een straatje verder scoorden we een ijsje in een luxe salon. Twee grote bollen op een lekkere wafeltoeter, ook weer “ziemlich billig” (=tamelijk billijk). Een eindje verderop gingen we die lekker zitten verorberen in de zon. Hee, daar heb je Joke en Willem, wandelend over het trottoir met de fiets aan de hand. Ze hebben in het open veld appels geplukt en pruimen. Willem bood ons nog een ijsje aan, maar dat was ons te gortig! Wij wandelden met een omweg langs de tamelijk nieuwe jachthaven, langs het kanaal en over de brug terug naar onze boot.

Daar gooiden we de boel open om te luchten en verdiepten ons weer in de lectuur die we onderhanden hadden. We hebben ook nog gegeten geloof ik, die avond. Het was iets met aardappelen, groenten en vlees en ei natuurlijk. We spraken met Willem af de volgende dag, dinsdag, te vertrekken om een uur of zodra we klaar waren en wakker en dergelijke, of zoiets. Saves heb ik vast wel een stukkie geschreven, maar dat weet ik niet meer. We barricadeerden ons tegen de muggen en vliegen, die in groten getale kwamen opzetten, naarmate het donkerder werd. Miljoenen! Maar ze kwamen er niet in. We gingen ook slapen die avond, geloof ik.

De volgende ochtend kwam Willem vrij vroeg op de reling tikken. Hij had twee grote schepen gezien op de AIS, die eraan kwamen, een snelloper en een langzame. Hij stelde voor achter de snelloper los te gooien en de langzaam loper voor te blijven, dat leek hem het meest relaxte concept voor vandaag. Helemaal mee eens. Zodra de snelle jongen gepasseerd was staken wij van wal en tuften rustig achter hem aan. Onze bestemming van deze dag was Osnabrück, op een uurtje of vier varen van hier. Het was tijdens deze trip naar Osnabrück dat ik mijn cardinale catastrofale digitale blunder maakte. Dat had een zekere invloed op mijn stemming en intrinsieke motivatie om door te gaan met het hanteren van deze methode van vastleggen. Ik moest erg nadenken. Ondertussen voeren we door wisselend fraai landschap. Na nadrukkelijke getuigenissen van industriële activiteit kwam er meer ondulatie in het decor en het pittoreske karakter kreeg meer dimensie, aan weerszijden van het kanaal. Meer wil ik er niet over kwijt.

Eindelijk zag ik, het moet rond 11.15 uur geweest zijn, de Laga bakboord uit sturen het kanaal richting Osnabrück in. Als je denkt: ha, nu zijn we er, dan kom je van een koude kermis thuis: nog zes lange kilometers heb je voor de boeg, maar het is de moeite waard. Veel bosachtig terrein en velden wisselen elkaar af op beide oevers. Een viertal bruggen verbindt de oevers.

O, ik moet nog even vertellen dat ik op het MLK in stapjes de mast omhoog gebracht heb. Willem zei over de marifoon dat de brughoogten allemaal hetzelfde zijn en 5.20 m bedragen. Uiteindelijk stond ie voluit omhoog. Ik dacht al: 3 jaar geleden gingen we toch met mast omhoog onder deze bruggen door? Willem bleef het aanzien en richtte zijn paal niet in zijn geheel op, ook al weet ik zeker dat hij er ook onderdoor kan, onder al die bruggen. Ik ben toch niet gek? Ik begreep dat de meningen aan boord van de Laga uiteen liepen. Daar heerst een democratische cultuur, zie je. Bij ons niet. 

Ach, ach, wat een feest. We hadden gisteren al gebeld met de jachthaven van O.M.Y.C (=Osnabrücker Motorboot Yacht Club) of ze vandaag een plek voor ons hadden en dat bleek het geval te zijn. Wij blij en nu stomen we op naar de steigertjes van dit kleine haventje. De plekken zijn groot genoeg. De steigers vernieuwd, helemaal goed. We worden hartelijk ontvangen door leden en de havenmeester.

Helaas is het restaurant niet operationeel, donderdag pas, maar daar kunnen we niet op wachten. We babbelen wat met de buren en de havenmeester. Een andere havenmeester komt om 18.00 uur het havengeld bij de boot ophalen. Mooi. De buurvrouw, die met haar man op een Alm Trawler bivakkeert, wil een andere boot, voor haar man die slecht ter been is. De acht traptreden naar beneden in hun boot zijn teveel geworden voor hem. Ik nodig haar uit te komen kijken bij ons aan boord, maar dat moet nog even wachten want ze is bezig met water laden en wij gaan wandelen. We kiezen er niet voor naar de stad Osnabrück te gaan want dat hebben we 3 jaar geleden al gedaan. Ook zeer de moeite waard moet ik zeggen.

Even overleggen met Joke en Willem die verderop aan een kopsteiger liggen. We hebben het over de route voor de rest van de reis. Ingeborg zou wel naar Scheemda willen om daar een nieuw ontdekte nicht (Ingeborg doet aan genealogie) te bezoeken. Dat gaat moeilijk worden denk ik, vanwege de bereikbaarheid vanaf de voor ons begaanbare wateren. We zullen zien. Joke en Willem gaan per fiets de omgeving verkennen en wij per voet.

Ik denk dat we zo’n anderhalf uur onderweg zijn geweest, langs het kanaal, door de velden, door bossen, een woonbuurtje, langs agrarische gronden met ruiters in de verte en met een boog terug naar de jachthaven.

Ik kan zeker stellen dat het hier heel fraai wandelen is, je kunt grote tochten maken door prachtig terrein. Ingeborg was wel vaak afgeleid door braamstruiken die langs de paden en wegen naar haar lonkten. Halverwege kwamen Joke en Willem ons achterop.

Zij hadden het dorpje in de buurt gevonden (de naam weet ik niet meer, iets met Hollage of zo) en een brood gescoord. Een Duits brood dat ze, volgens Willem, met een cirkelzaag te lijf zullen moeten gaan. En dan maar soppen, Willem!

Terug op de boot kwam buurvrouw eventjes een kijkje nemen in ons schip, om een indruk te krijgen van de mogelijkheden. Ik heb haar nog gewezen op een Kuster 42, zo goed als nieuw, die momenteel te koop ligt in Harlingen en uitstekend zou voldoen. Ze zou het opzoeken op internet. Daarna kwamen Joke en Willem bij ons een biertje en dergelijke drinken. Willem nam een paar ijskouwe mee uit zijn koelkast en wij maakten happen en nootbakken. Joke had ook nog warme bitterballen meegenomen, die voortreffelijk smaakten. Het werd nog heel gezellig. De havenmeester kwam ook langs om de penningen te heffen. Twintig euro, dat viel mee.

Tegen zevenen nam het bezoek afscheid. We hebben geen eten gemaakt vanwege voldoende inname van voedsel deze middag. Ik heb zitten lezen in mijn gruwelijke boek (Tess Gerritsen) tot half negen en toen moest ik toch echt gaan proberen de schade van de digi-ramp te beperken. Vandaar dit verhaal. We gaan straks naar bed, net als gisteren. Voordeel van deze manier van doen is wel dat ik in één klap zo actueel als de pest ben. Het is buiten stervensdonker en windstil op het moment dat ik dit type. De haven is in diepe rust. Merk je dat ik in de tegenwoordige tijd schrijf nu, zo actueel ben ik nou. Het waren een paar fijne dagen, maar ik kan de consternatie missen als kiespijn. 

Dit bericht werd geplaatst in Logboek. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s