Zondag, 11 augustus 2019

Dode Kronkel Ems – Dode Kronkel Ems bij Herbrum

Dag Datum Wind Weer
Zondag 11 augustus 2019 Fris windje Zonnig
Vertrek Aankomst Logstand Motoruren
08.25 uur 13.30 uur 17.632 3.536,3

Half zeven, 11 augustus. We liggen nog steeds tegen Willem aan, de Laga bedoel ik. Ik zie paarden aan de overkant. Gisteravond kwam trouwens een kudde koeien aan onze kant heel nieuwsgierig een kijkje nemen vanachter de bosjes. Toen ze mij zagen hadden ze genoeg gezien en taaiden af. Terwijl ik dit zeg hoor ik krakende geluiden uit de voorkooi. Ingeborg is met haar oefeningen bezig en dan kraakt het bed. Niet Ingeborg want die is nu soepel door de oefeningen. We kunnen niet wandelen deze ochtend want we liggen in de bush bush. Het is een zeer mooie ochtend. Blauwe lucht. Behoorlijk fris buiten maar dat voelt lekker aan. Het waait een klein beetje, er staan rimpels op het water en verder is het doodstil. Heerlijk. Een heerlijke plek en een heerlijke ambiance om wakker in te worden. Ik was overigens reeds te 05.00 uur wakker maar ik heb het tussen de klamme lappen uitgehouden tot kwart over zes. Nu ben ik fris gewassen en aangekleed. Ik kan eigenlijk wel een beetje gaan schrijven, bedenk ik mij.

Tien voor half acht. Het stukje dat ik gisteravond heb geschreven, heb ik geredigeerd en hier en daar gecorrigeerd; ik had er nu even de rust voor. Er zaten wat foutjes en grofheden in, die heb ik enigszins hersteld en bijgeslepen. Ik wilde aan een nieuw stukje beginnen. De foto’s had ik klaargezet en de aanhef van de tekst stond er al toen mijn lust tot creëren als bij toverslag verdween. Ik zit nu drie kwartier op die computer en ik ben er zat van. Ik denk dat ik maar even ga wandelen, naar het voordek en terug. Eerst een fruitje en een yoghurtje en ik ga het voorraam dichtdoen, want het tocht een beetje, vind je niet, Ing?

Tien voor acht. Ik heb de wierpot schoongemaakt, olie hoefde niet te worden bijgevuld, zat nog zat in. Vetpotje aangedraaid. De machinekamer gecontroleerd. We hebben nog 500 liter dieselolie. We zouden hiermee nog 100 uur kunnen varen. Daarmee halen we Edam makkelijk, want van Edam tot hier hebben we in totaal 87 motoruren gedraaid en we zijn dik over de helft.

Ik zat te lezen in Baantjer (Moord à la Carte, waarin de oude grijze speurder met het brede gezicht als vanouds flink op dreef was) toen buurman het moment stilaan rijp achtte het spreekwoordelijke anker te lichten, daarmee profijt trekkend van het vrijwel afwezige beroepsverkeer in de dal- en de bergvaart op het kanaal. Binnen vijf seconden waren wij los van de Laga en had Willem zijn paal ingetrokken en wendden wij de respectieve stevens naar de uitgang van de dode kronkel. Een nieuw record. Ideaal zo’n spudpaal. In een mum zaten wij eens temeer in het aloude ritme (ik heb teveel Baantjer gelezen) van sturen, koffiedrinken en langdurig zwijgen achter het stuur en puzzelen op de bank. Wat een rust. Het was toen 08.25 uur. Ing, ik moet me scheren want het begint te jeuken. Ja, straks zal ik sturen zegt ze en dan kan jij scheren.

Ik maakte eerst een foto voor ik me ging scheren

Het is negen uur. Er vaart nu een schip voor ons, de Moana, een Nederlands vrachtschip dat zwaar geladen is en langzaam vaart. Dit schip zal de hele dag bij ons blijven en telkens vóór ons de sluizen binnenvaren. Dat zijn er drie: de Hilter Schleuse (een typefout is snel gemaakt, maar het is geen typefout, zoals zal blijken!), de Düthe Schleuse en de Bollingerfähr Schleuse. 

Ik zal de lezer niet meer vermoeien met een saai verslag over het in- en uitvaren van die sluizen. Alleen de hoogtepunten haal ik eruit. Zo kregen wij in de Hilter sluis van Joke een heerlijk stuk kwarktaart aangereikt. Hij smaakte weer voortreffelijk. Die naam van die sluis kan volgens de spellingscontrole niet: dat moet Hitler zijn, verdomd als het niet waar is! 

 

Daar moeten ze toch eens over nadenken, over die naam

In de Düthe sluis hadden we een passagiersschip, de Marisia, met een onhebbelijke schipper die met zijn boeg boven onze rubberboot ging hangen. Hij vond dat we verder naar voren moesten. Dat vonden wij niet. Hij daarentegen had ruimte zat. Wat een teringlijer. Bij het uitvaren passeerde hij op tamelijk woeste wijze de Moana, waarbij hij bijna uit het roer liep in de boeggolf van het diepliggende vrachtschip. Nee, geen fijne man, die schipper. Er voegden zich nog wat bootjes in het convooi maar dat leverde geen extra vertragingen op. We kropen voort achter de Moana aan. Rond half twaalf hebben we gebeld met Ma. Linda was er. Via haar telefoon hadden we een goede verbinding. Ma vertelde over de storm gisteren. De plantengieters vlogen door de tuin en ze was bang dat de boom in buurman z’n tuin zou omgaan en op haar dak zou terechtkomen. Gelukkig staat ie nog fier overeind. Ja, als 99-jarige ga je het wel een beetje benauwd krijgen in je eentje in zulke omstandigheden. 

God, wat is het hier mooi. Het landschap is lieflijk, lieflijker dan de meeste delen van het Mittellandkanaal; aantrekkelijker, knusser. De binnenvaartschepen die hier varen lijken wel wat kleiner te zijn dan wat je op het MLK ziet. Ik fotografeer en film dat het een aard heeft. Hieronder een (fikse) greep uit de vele prentjes die ik gemaakt heb.

Tegen twaalven kruisen wij het Küstenkanal, de verbinding tussen de Ems en de Weser. Die route volgden wij in 2016 op weg naar de Oostzee. Was ook een leuk kanaal. We zijn weer op bekend terrein. Op naar de Bollingerfähr sluis. De Moana ligt een eind op ons voor nu en we moeten het been bijtrekken om met hem de sluis in te kunnen. Dat betekent voor een tijdje de gashandel naar voren duwen. We redden het. Ook de Amisia ligt in de sluis. Had dus geen baat bij zijn gehaast. Teringlijer. We liggen deze keer aan een glijstang achter en een bolder voor, een stuk makkelijker dan steeds overpakken op één punt. Na deze sluis is het nog een klein stukje naar Herbrum.

Daar is ook een sluis maar daar gaan we niet doorheen. Willem weet een plek waar we weer voor paal kunnen gaan, als er geen plek is aan een steigertje aan de andere kant. Als we daar aan komen is er inderdaad geen plek en we zoeken een plek aan de oever. Het is hier overal ondiep, dus die spudpaal kan er altijd in. Wel veel modder wordt omhoog gewoeld hier. Daar was de Moana ook voor een flink deel schuldig aan. Maar die bagger schijnt hier normaal te zijn. Gewoon doordouwen. Willem maakte onderweg trouwens een praatje (van een half uur?) over de marifoon met de schipper van de Moana, als schippers onder mekaar. Jezus, wat kunnen die ouwehoeren zeg! Wel gezellig en vermakelijk ook. Af en toe moest ik mezelf bedwingen om er niet effe tussen te gaan zitten, dat zou niet beleefd geweest zijn.

Een mens maakt wat mee,

we liggen hier  tevree,

sinds half twee.

De rust keert weer. Ik lees Baantjer uit en begin aan een boek waar Ingeborg ook mee bezig is. Als zij iets anders doet mag ik en omgekeerd.

Kwart voor zeven. We hebben de hele rest van de middag met z’n vieren op een rij lekker zitten lezen, slapen, puzzelen, zwijgen, met de kuipen naast elkaar. Gezellig hoor. Nu gaat Ingeborg eten koken: stromboli met prei, aardappeltjes, een slavink en een eitje. Lekker hoor. We hebben net als in de rest van Duitsland hier geen dekking en/of bereik voor een fatsoenlijke internetverbinding. Dus weer geen stukkie op de website. Wat dat betreft ben ik blij dat we morgen in Nederland zijn, kan ik tenminste weer met bijtjes smijten. En wat ook jammer is, is dat je niet kan wandelen des morgens als je voor paal ligt. Dat is voorzover ik kan zien het enige nadeel van een spudpaal. Welk een kwellingen! Ik schrijf nu toch maar mijn verhaaltje af. Het was een fijne dag.

Dit bericht werd geplaatst in Logboek. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s